Omroepbaas Hagoort: 'Van hoeveel walletjes kun je eten?'
Henk Hagoort, topman van de Publieke Omroep, vindt dat er meer transparantie moet komen bij de publieke zenders. „Het klimaat is veranderd. Je moet aanspreekbaar zijn voor de buitenwereld."
Rotterdam, 13 juni. „Een integriteitsbeleid? Waar zou je dat voor moeten hebben?” Vijf jaar geleden was toenmalig directeur Henk Hagoort van de Evangelische Omroep niet zo overtuigd van de noodzaak van regels. „Integriteit is vooral een kwestie van moraal en ethiek”, zei hij in gesprek met deze krant.
Sinds vorig jaar is Hagoort (1965) de hoogste baas van de publieke omroep. Als voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) coördineert hij onder meer het integriteitsbeleid.
„Het klimaat is veranderd”, zegt Hagoort nu. „Ik merk dat er door het maatschappelijke debat over de omroep meer behoefte is aan helderheid. Je moet aanspreekbaar zijn voor de buitenwereld. Dat besef is er nu meer dan vijf jaar geleden. Ook bij mijzelf.”
Ontbreken van integriteitsregels
Vijf jaar geleden bleek dat de besteding van het belasting- en reclamegeld - in 2008 een bedrag van 731 miljoen euro - door publieke omroepen niet altijd transparant was. Wie de kosten van programma’s betaalde, was vaak niet duidelijk. In Hilversum hing een ons- kent-ons-sfeer. En integriteitsregels ontbraken, terwijl omroepbazen royale salarissen incasseerden.
Nieuw onderzoek, vandaag in NRC Weekblad, laat zien dat het nog schort aan transparantie. Wie meebetaalt aan de programma’s van de publieke omroepen is niet altijd duidelijk. Zo blijkt het TROS-kinderprogramma Bibaboerderij bedacht door een reclamebureau en mede gefinancierd met geld van supermarktketen C1000 die Bibaboerderij-producten verkoopt.
Hagoort: „Ik vind dat dat niet kan. Er is een principieel verschil of merchandising het effect is van een succesvol programma, of - zoals dit - een programma dat het effect is van een succesvolle merchandising.”
Waarom kent u de inhoud van die contracten niet?
„De omroeporganisaties zijn financieel en programmatisch autonoom. Van buitenaf ziet de publieke omroep er misschien uit als een holding met filialen, maar dat is het niet. Wij vragen van programma’s die gemaakt worden geen begrotingen op.”
Wilt u dat niet, na zo’n voorbeeld als de Bibaboerderij?
„De verleiding wordt heel groot.”
Gedragscode en Mediawet schrijven voor dat omroepmedewerkers geen geschenken aannemen van bedrijven waaraan ze opdrachten geven. Toch maakten omroepdirecteuren en eindredacteuren reizen op kosten van producent Rob Hof naar Istanbul en Slovenië.
Kan dat?
„Dat voelt niet goed. Er kunnen goede redenen zijn om als directeur of programmamaker op reis te gaan. Maar hier lijkt het of het Hof helpt om opdrachten te vergaren. De kernwaarden van de publieke omroep zijn betrouwbaarheid en onafhankelijkheid. Je moet elke schijn vermijden.”
Integriteit
Volgens Hagoort hebben de omroepen nog veel werk te doen. „Ik maak me wel zorgen. De raden van toezicht moeten hun bestuurders veel meer aanspreken, zeker op het punt van integriteit.”
Wat is uw rol daarin?
„In dit omroepbestel ligt de verantwoordelijkheid voor het toepassen van de gedragscode, voor het doelmatig besteden van omroepgeld en voor de integriteit van de medewerkers bij de autonome omroeporganisaties. Als dat anders moet is dat een politiek debat.”
Hagoort heeft er wel begrip voor dat het Commissariaat voor de Media, dat namens minister Plasterk (Media, PvdA) toezicht houdt, meer bevoegdheden wil hebben.
„Daar ben ik het mee eens. Bij omroep Llink bleek dat er gaten zitten in het toezicht. Het commissariaat kon niet goed optreden toen die omroep in ernstige financiële problemen zat.”
Een van de terugkerende thema’s afgelopen jaren zijn de salarissen in Hilversum. Zo blijkt nu dat oud-VARA-directeur Maurice Koopman 1.100 euro per dag krijgt als directeur van een stichting die zendtijd en omroepgeld verdeelt tussen twee moslimomroepen.
Wat vindt u daarvan?
„Dat is niet gepast. Op de begroting van zo’n kleine instelling is dat erg veel. Het is misschien niet onrechtmatig, maar het heeft met ethiek en moraal te maken.”
Gedragscode
Juist op die punten is de afgelopen vijf jaar debat gevoerd, zegt Hagoort. „Ethiek begint niet alleen met het hebben van waarden en normen, maar ook door elkaar daarop aan te spreken. Er is sinds 2006 een gedragscode. Good governance is een thema.”
Dat laat onverlet, volgens Hagoort, dat het mis kan gaan. „Als dat gebeurt, is dat reden om het gesprek nog intensiever met elkaar te voeren. Een gedragscode is geen garantie dat alles koek en ei is. We moeten er voor gaan zorgen dat het in onze bloedomloop komt.”
Zo is Hagoort „niet gelukkig” met de dubbelrol van Patrick Lodiers als voorzitter én presentator bij BNN. „Ik vraag me af of je toezicht op programma’s kunt houden als voorzitter, terwijl je zelf ook programma’s maakt. Vanuit het ontstaan van BNN begrijp ik het. Maar of je dan ook van twee kanten salaris moet krijgen, is de vraag.”
Dat Lodiers naast zijn BNN-salaris (323.704 euro in 2008) via een eigen BV ook verdient aan de spin off van het BNN-programma de Lama’s, wist Hagoort niet. „Van hoeveel walletjes kun je eten?”, reageert hij.
Balkenende-proof
Zelf loopt Hagoort met zijn Balkenende-proof salaris (180.700 euro exclusief 40.200 euro pensioenpremie) vooruit op een wet die de inkomens van omroepbestuurders inperkt. In navolging van minister Plasterk verwacht hij van nieuwe omroepbestuurders dat ze alvast aan de norm voldoen, maar dwingen kan hij ze niet.
Hagoort heeft daarom een beroep op de omroepen gedaan. „Je geloofwaardigheid als bestuurder moet niet ter discussie staan. Ik heb geen zin om elk gesprek te beginnen met dit soort dingen.”
Het jaarsalaris van Hagoort is bijna 20.000 euro per jaar lager dan het salaris van zijn voorganger, Harm Bruins Slot. De toen 60- jarige Bruins Slot kon vorig jaar gebruik maken van een wachtgeldregeling. Die geeft recht op zes maanden 60 procent, vijf jaar 50 procent en twee jaar 40 procent van zijn salaris (200.200 euro exclusief 48.700 euro pensioenpremie).
Bij de onderhandelingen over zijn arbeidsvoorwaarden weigerde Hagoort de aangeboden auto met chauffeur, zegt hij. „Ik vond dat zo’n voorziening niet bijdroeg aan mijn geloofwaardigheid.”
Op één onderdeel zijn de arbeidsvoorwaarden van Hagoort niet versoberd, dat is de wachtgeldregeling. Die is vergelijkbaar met die van zijn voorganger, zij het dat de duur is beperkt tot vijf jaar. Hagoort: „De kans dat ik er gebruik van maak, is klein. Daar ben ik te jong voor.”
- Reacties: omroep@nrc.nl
