De moordenaar van Gerrit Jan Heijn
Bijna 22 jaar geleden beheerste de ontvoering en de moord op Gerri-Jan Heijn zeven maanden het nieuws.
Fredi E., de man die vanochtend in het buurtschap Medler nabij Vorden verongelukte, was allesbehalve een standaardcrimineel. Een toen 45-jarige werkloze ingenieur uit Landsmeer, getrouwd met een kunstenares, drie kinderen. Zelfs toen het spoor naar hem voerde - hij had gemerkte briefjes van het losgeld uitgegeven voor boodschappen - kon de recherche niet geloven dat het om één man ging. Een sjaggies rokende Einzelgänger, die met zorg de ontvoering van Ahold-topman Gerrit Jan Heijn had voorbereid.
Pink
Op woensdagochtend 9 september 1987 ontvoert hij Gerrit Jan Heijn (56), vice-voorzitter van de raad van bestuur van het Ahold- concern, die zijn villa in Bloemendaal verlaat voor een bezoek aan de tandarts. E. neemt Heijn mee naar de bossen in Renkum, waar hij zelf als kind vaak had rondgedwaald. Daar schiet hij zijn gijzelaar na ongeveer twaalf uur een kogel door zijn achterhoofd. E. begraaft het lichaam in de bossen, maar niet nadat hij een pinktop afsnijdt. Ook neemt hij de bril mee van Gerrit Jan Heijn. Het kokertje met pink bewaart hij thuis in de vriezer.
E. laat de familie-Heijn in de waan dat hij niet dood is. E., één dag door zijn vrouw als vermist opgegeven bij de politie, keert terug naar Landsmeer. Het spel om ruim 8 miljoen gulden aan losgeld en diamanten duurt tot 6 april 1988, de dag van zijn arrestatie.
De ontvoering was een media- event. Gerrit Jans vrouw Hank deed een oproep op de televisie, en toen de zaak op een dood spoor zat, gooide justitie de zaak open. Het publiek mocht meehelpen; er stroomden twaalfduizend tips binnen, waaronder drieduizend van paragnosten.
E. liep tegen de lamp toen het losgeld dat hij uitgaf, terugkwam bij De Nederlandsche Bank. Er waren een paar valletjes opgezet. Na zijn arrestatie bekende hij vrijwel meteen. Zijn familie was verbijsterd, zo beschreef E.’s vrouw in een roman uit 2000, De kleine Britt.
Pas toen het lichaam van Gerrit Jan Heijn werd gevonden, de vindplaats werd door E. aangewezen, geloofde recherche en politie dat ze werkelijk met de enige moordenaar en de ontvoerder van Heijn te maken hadden.
'Regenten'
Tijdens de rechtszittingen in 1988 in Haarlem en het hoger beroep in Amsterdam zei hij dat hij het losgeld nodig had om zich te kunnen wreken op zijn voormalige collega’s, vier bestuursleden die hem na een conflict aan de kant hadden gezet. Hij voelde zich vernederd door „regenten”. Als vertegenwoordiger van de regentenklasse werd Aholdtopman Gerrit Jan Heijn zijn symbolische vijand. Jaren later zegt hij tegen Elsevier dat die „dodenlijst” niet heeft bestaan. „Ik heb dat verhaal verzonnen in de hoop dat de rechtbank mij verminderd of volledig toerekeningsvatbaar zou verklaren. Onder geen beding wilde ik levenslang.”
Hij werd eind 1988 veroordeeld tot twintig jaar en tbs. Na ruim dertien jaar kwam hij vrij in augustus 2001. Eind dat jaar kreeg hij met behulp van zijn advocaten, onder wie Wim Anker, 700.000 gulden aan achterstallige uitkering van de staat toen zij bewezen dat ook gedetineerden recht hebben op WAO. Dat leverde opnieuw rumoer op in de media. E. zei in 2006 tegen de Stentor dat hij een ton in guldens eraan had overgehouden. Het losgeld was overigens „al lang” teruggeven, voegde hij toe.
E. betuigde spijt in een brief aan de weduwe Heijn, terwijl hij al eerder met Ronald Jan Heijn, de zoon ván, had gesproken. Die was evenwel niet overtuigd van de oprechtheid van E’s inkeer. Op de vraag wat Ferdi E. het wreedst vindt, achteraf, zegt hij tegen het tv-programma Zembla (2003) dat hij de pink opstuurde en mevrouw Heijn schreef „dat het nog wel even zou duren tot haar man weer piano zou kunnen spelen.”
Paul in Ruurlo
Ferdi E. veranderde zijn roepnaam in Paul, en verhuisde met zijn echtgenote in november 2006 vanuit Landsmeer naar een woonboerderij in het dorpje Ruurlo.
Aanvankelijk had het echtpaar plannen om naar Australië te verhuizen. Dat zou rust en anonimiteit opleveren. Stilte, daar verlangde E. naar, na lang te zijn omgeven door lawaaierige medegevangenen. Vanwege kinderen en kleinkinderen bleven ze in Nederland.
Op iets meer dan vijf kilometer van Ruurlo ligt het Vordense buurtschap Het Medler. Daar werd E. vanochtend op de fiets aangereden door een graafmachine, vermoedelijk nadat hij had verzuimd voorrang te verlenen. Ferdi E. overleed onderweg naar het ziekenhuis.
