Vooral arm Mexico lijdt onder de grieppaniek

Een man met een mondkapje op  stapt in een stadsbus in Mexico-Stad. Hoewel veel inwoners van de stad voorzorgsmaatregelen nemen, betwijfelen ze tegelijkertijd de officiële lezing  dat een epidemie dreigt.
Door onze correspondent Philip de Wit

De inwoners van Mexico-Stad wantrouwen hun regering. De paniek over de ‘varkensgriep’ is er groot. Tegelijkertijd vragen ze zich af of er echt een dodelijke epidemie dreigt.

Mexico-Stad, 30 april. Pistolen, roze tassen met Betty Boop beeltenissen, marihuana, illegale dvd’s van Dr. House, bijna alles is te krijgen op de beruchte Tepito-markt van Mexico-Stad. Maar de 48-jarige Berta Hernández heeft vandaag nog geen enkel paar schoenen verkocht uit haar stalletje in een overdekt deel van de markt. Oorzaak: de uitbraak van een nieuw influenzavirus – hier door iedereen ‘varkensgriep’ genoemd – houdt de klanten thuis.

De grote bruine ogen van Hernández boven het blauwe mondkapje gaan schichtig heen en weer als ze praat. De paniek is groot onder de inwoners van haar stad, zegt ze. „Maar we weten eigenlijk niet waar we aan toe zijn. De regering zaait verwarring en angst. Ik geloof eigenlijk niet dat er echt een varkensgriepepidemie is.”

Elke dag reist ze 35 kilometer vanuit de sloppenwijk waar ze woont naar Tepito. Om de zilveren, paarse, roze en gouden (met glitters) pumps op de schappen aan de vrouw te brengen. Geen verkoop betekent geen commissie en dus geen inkomsten. Hernández: „Het is nu akelig stil. Lang houd ik het zo niet vol. Ik verdien vrijwel niets.”

De uitbraak van de griep heeft het maatschappelijk leven in de hoofdstad ontregeld. Scholen zijn gesloten. Ambtenaren hebben dezer dagen verplicht vakantie. Voetbalwedstrijden in stadions mogen alleen nog maar zonder publiek plaatshebben. Hotels dienen hun gasten alleen in de kamers ontbijt op. Bioscopen en nachtclubs houden de deuren dicht. De ingrepen van de overheid zijn verregaand.

De toch al krimpende economie van het land, als gevolg van de financiële crisis,  kraakt nu helemaal in haar voegen. En het zijn vooral de armere Mexicanen die de financiële pijn extra voelen.

Typerend is dat op de grote wegen die de hoofdstad doorkruisen verkeersopstoppingen afwezig zijn. Omdat de rijkere autobezitters even de griepgolf uitzitten en thuisblijven. De metro en bussen, het transport van de armen, zitten nog steeds redelijk vol.

„Maar ik kan me niet veroorloven een dag niet te werken. Waar moet ik dan van leven?”, zegt Alejandro Álvares, een 57-jarige verkoper van sinasappelsap en lollies. Een mondkapje heeft hij niet voorgedaan. „Niet nodig, gewoon af en toe je handen goed wassen”, zegt Álvares terwijl hij nog een sinaasappel uitperst.

Álvares woont in Iztapalapa, in het oosten van de stad, een arme wijk met bijna 2 miljoen inwoners. Zijn sap- en lollystal staat voor zijn kleine huisje. Ooit waren zijn zwarte sportschoenen wit. Zijn spijkerbroek is afgedragen, zijn T-shirt van The Doors ongewassen.

In de buurt doen de eettentjes langs de kant van de weg goede zaken, alsof er geen vreemd virus rondwaart.  Gemoedelijk gaan de hamburgers en tortilla’s rond. Mondkapjes zijn hier een stuk minder populair dan in de betere wijken van de stad.

Zoals vele stadsgenoten denkt Alvares niet dat er zoiets bestaat als een varkensgriep. Waarom zou hij de regering niet wantrouwen? Er is een politiek spel gaande, maar hoe het precies zit kan hij niet uitleggen. „Bij ons in de buurt is niemand ziek geworden”, zegt hij.

Het ongeloof van de Mexicanen is groot. Op de radio werd gisteren nog een dokter geïnterviewd over dodelijke slachtoffers van de varkensgriep in een staatsziekenhuis in de stad. Maar eigenlijk geloofde de radiojournalist de dokter niet. Dus vroeg hij om namen van de doden, zodat hij het ‘dubieuze’ verhaal kon controleren bij hun families.

Op dit moment gaat het Mexicaanse ministerie van Volksgezondheid uit van zeker 159 dodelijke slachtoffers van de griep, hoewel het aantal bewezen gevallen de afgelopen dagen naar beneden werd bijgesteld. Volgens officiële schattingen zijn er circa 2.500 mensen met het virus besmet.

Vlak bij de sapstal van Álvares is de buurtkliniek. Daar is dokter Guilllermo Delgado de afgelopen dagen druk geweest met patiënten met griepsymptomen.  Delgado schudt zijn hoofd. Nee, niemand heeft uiteindelijk het virus opgelopen.  Hij zegt: „Mensen denken nu snel dat ze iets hebben. Een beetje hoesten, een snotneus, en hup de varkensgriep is gearriveerd.”

In de wachtkamer zitten nog enkele families, met mondkapjes, te wachten op een consult. Op de muur hangt een papier waarop met stift de symptomen van varkensgriep staan beschreven. Medicijnen of een vaccinatie tegen de griep zijn er niet, zo luidt een waarschuwing.

Maar, zegt dokter Delgado, de piek is voorbij. „Er is vooral sprake van veel paniek onder de mensen. Veel meer kan ik er niet over zeggen.”

In een ander deel van de stad, La Granada, een arme volkswijk die grenst aan de elitebuurt Polanco, zijn de reacties op straat voorspelbaar. Niemand die werkelijk vertrouwen heeft in de bekendmakingen van de regering. Niemand die ook maar één slachtoffer kent van de varkensgriep.

Zo zat de zoon van Maria Gómez, een 47-jarige inwoonster van La Granada, deze week nogal te hoesten. Zij zegt: „Ach, dat gebeurt vaker. Ik ben niet naar de dokter gegaan. Ik kom net terug uit Perote, in de deelstaat Vera Cruz, daar zou het eerste geval zijn geconstateerd. Ik merkte er niets van toen ik er was. Volgens mij is het hele verhaal van de varkensgriep kletskoek.”

Mexicaanse griep, varkensgriep, SOIV, A/H1N1

Na de uitbraak van het nieuwe influenzavirus is er ook een strijd uitgebroken over de naam die de griep krijgt. Een strijd waarbij niet zozeer wetenschappelijke, als wel economische argumenten een hoofdrol spelen. Zo verzet Mexico zich tegen de term ‘Mexicaanse griep’ vanwege de mogelijk schade aan zijn imago, vleesindustrie en toerismesector. Het spreekt liever van ‘varkensgriep’. Mexicanen wijzen er ook graag op dat het aantal bevestigde besmettingen in buurland de VS nu hoger ligt dan in hun land. Toch lijkt dit vooral het gevolg van het feit dat de VS meer besmettingen opsporen, omdat ze over betere laboratoria beschikken.

In de Europese Unie is door varkenshouders stevig gelobbyd voor het vermijden van de term ‘varkensgriep’. Mede hierom spreekt onder meer de Nederlandse regering nu officieel van de ‘Mexicaanse griep’. Een ander alternatief is de ‘Noord-Amerikaanse griep’. Dit wordt onder meer gebruikt door Brazilië, dat ook hoopt zo zijn eigen vleessector te beschermen. Dit is echter weer tegen de zin van Washington, omdat de VS zo ook met de griep geassocieerd worden. De medische term die nu door de Amerikaanse infectieziektewaakhond CDC wordt gebruikt, is voluit ‘Swine-Origin Influenza A (H1N1) Virus’. Vooralsnog blijkt de afkorting hiervan (S-OIV) echter minder goed in in de volksmond te beklijven dan bijvoorbeeld de ziekte SARS enkele jaren terug.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
griepvirus
Buitenland