Le silence de Lorna

Scène uit de film <i>Le Silence de Lorna</i>
Door Peter de Bruijn

Als boeren met kiespijn stonden de broers Jean-Luc en Pierre Dardenne de pers te woord tijdens de jongste editie van het filmfestival van Cannes. Daar ging hun nieuwe film Le silence de Lorna in première. De film kreeg de prijs voor het beste scenario, geschreven door de broers zelf.

Trailer van Le Silence de Lorna:

Om film na film te zijn ondergedompeld in de uitzichtloze problemen van de Waalse onderklasse, doet kennelijk iets met iemands humeur. „More story,” luidde het karakteristieke, bitse antwoord op de vraag hoe hun films zich de laatste jaren hebben ontwikkeld.

De Dardennes zijn de darlings van Cannes. Ze behoren tot de selecte groep regisseurs die twee keer een Gouden Palm in ontvangst mocht nemen: voor Rosetta (1999) en L’Enfant (2005). Maar op hun gemak lijken ze zich nog steeds niet te voelen in de wufte wereld van het festival.

Meer verhaal, zoals ze zelf zeggen, dat klopt wel. Maar ook: meer emotie. De broers mogen dan volharden in stuursheid, hun films zijn expressiever en toegankelijker geworden, zonder dat dat heeft geleid tot verwatering van hun stijl. Integendeel, hun films winnen juist aan kracht door een zorgvuldiger opgebouwd scenario. In de documentaire beeldtaal zonder opsmuk lijken L’Enfant en ook Le silence de Lorna nog wel op een film als Rosetta, maar de verhaalstructuur is complexer.

Le silence de Lorna is met veel raffinement opgebouwd en kent de nodige wendingen, ellipsen en verrassingen; het idee om simpelweg een dag uit leven van de hoofdpersoon te laten zien, is volledig verlaten. De film heeft niet het tempo, maar wel nagenoeg de opbouw van een populair melodrama.

Lorna wordt gespeeld door de Kosovaarse Arta Dobroshi, die de broers vonden in Oost-Europa. Lorna is een jonge Albanese vrouw in Luik. Ze is een schijnhuwelijk aangegaan met de heroïneverslaafde Claudy (Dardennesveteraan Jérémie Renier) om een Belgisch paspoort te kunnen krijgen en eindelijk in aanmerking te komen voor een banklening. Daarna staat nóg een schijnhuwelijk op stapel, met een rijke Rus. Daarvoor moet Claudy wel eerst uit de weg worden geruimd met een overdosis heroïne. Een snelle scheiding zou de argwaan van de autoriteiten kunnen wekken. Als dat allemaal achter de rug is, hoopt Lorna met haar echte geliefde Sokol te kunnen trouwen, die veel onderweg is als arbeider in Duitsland en Italië, en met hem een snackbar te openen.

Maandenlang lijkt Lorna met dit snode plan in te stemmen. Ze doet precies wat haar handlanger, die de hele constructie heeft opgezet, en haar vriend van haar verwachten. Dat is de stilte, of het zwijgen, van Lorna.

Maar het samenleven met de kwetsbare en hulpeloze Claudy – roerend gespeeld door de fantastische Renier – wrikt aan haar koude, afgestompte overlevingsstrategieën. Als Claudy een serieuze poging doet om af te kickken, begint Lorna’s geweten op te spelen. Maar de hele machinerie van de opeenvolgende schijnhuwelijken is dan al lang in gang gezet.

Arta Dobroshi is een echte ontdekking. Ze speelt Lorna trefzeker, oprecht en direct. Ook in dat opzicht zijn de Dardennes geen klassieke sociaal-realisten: ze werken met geschoolde acteurs, die een breed spectrum van emoties kunnen weergeven, niet met amateurs die vooral zijn gekozen vanwege hun persoonlijke uitstraling of omdat ze een bepaald type vertegenwoordigen.

De Dardennes blijven onvervalste moralisten, maar niet van het zoetelijke soort. Lorna vindt haast tegen haar wil haar ethische kompas terug, maar ze wordt daar door de regisseurs niet voor beloond, zoals in een traditioneel melodrama zou gebeuren. Ze zinkt naarmate ze haar menselijkheid herwint juist steeds verder weg in haar misère.

Net als in hun andere films laten de Dardennes zien hoe aan de rafelranden van het kapitalisme de intiemste emoties en relaties van mensen tot handelswaar zijn gemaakt. Aan het begin van de film leeft Lorna nog volledig in een sociaal-economisch gedetermineerde wereld: we zien haar naar de bank gaan, boodschappen doen en tijdens haar werk in een naaiatelier. Maar gaandeweg maken de regisseurs steeds meer ruimte voor haar intieme, private wereld.

Aan het einde is Lorna moederziel alleen, in een hut een bos, ver van de bewoonde wereld; weliswaar is ze een slachtoffer, maar niet langer het stuurloze product van de sociale omstandigheden. We kunnen haar niet langer volledig begrijpen, laat staan verklaren, zoals aan het begin van de film. Hoe langer we naar Lorna kunnen kijken en haar blijven volgen, hoe sterker we beseffen hoe raadselachtig deze vrouw eigenlijk is. De stilte van Lorna is ook de stilte om haar heen.

Gepubliceerd in:
film
Filmarchief