Bos ruimt rommel op die was blijven liggen

Door Sweder van Wijnbergen

De staat heeft 80 procent van de verliezen van ING afgedekt, dus de bank behoudt een prikkel om er ’t beste van te maken, aldus Sweder van Wijnbergen.

In de tweede ronde van steun aan banken heeft het ministerie van Financiën het goed voor elkaar. In de eerste ronde, een kapitaalinjectie van 10 miljard in ruil voor een schimmige kruising tussen aandelen en een obligatie, werd het kernprobleem aangepakt, de uitgeholde kapitaalpositie van ING. Maar het karwei werd inderhaast niet afgemaakt: niet duidelijk was of de injectie genoeg was om verder zonder hulp door te kunnen, waardoor ING een doelwit van vertrouwensondermijnende speculaties bleef.

Dat probleem is nu aangepakt door voor 80 procent te delen in de verliezen op de rotte appel in het ING-pakket, een portefeuille van 22 miljard aan ‘bijna-rommelhypotheken’ bij ING Direct in de VS: de ‘Alt-A hypotheken’, één klasse boven ‘subprime’. In ruil daarvoor krijgt het ministerie 80 procent van de winst als de portefeuille het beter doet dan verwacht, het ontvangt de risicopremie op de hypotheken (het verschil dus tussen hypotheekrente en staatsrente) én een garantie van ING om 25 miljard extra leningen in Nederland te verstrekken. Dat laatste kan weer omdat de garantie op de hypotheekportefeuille leidt tot lagere kapitaaleisen van toezichthouders, zodat ING voor een gegeven eigen vermogen meer leningen kan verstrekken.

Tijdens de eerste ronde maakte Financiën de juiste keus door geen rommelproducten op te kopen, zoals Paulson wilde, de Amerikaanse minister van Financiën onder Bush. Opkopen van toxic assets lijkt effectief, omdat daar de problemen vandaan komen. Maar opkopen tegen marktwaarde zou niets toevoegen aan de steun die banken al krijgen bij de centrale banken, en zou de opgetreden kapitaalerosie niet verhelpen. Opkopen boven de marktwaarde zou wel bijdragen aan de kapitaalbuffers, maar niet noodzakelijkerwijs genoeg, en is bovendien een vorm van gratis verliescompensatie, een beloning voor het nemen van onverantwoorde risico’s. Minister Bos koos daarom voor focus op kapitaalversterking. Het probleem daar was dat niet duidelijk werd of het bij deze ronde zou blijven – daarvoor gaf ING te weinig openheid van zaken, en waren er nog te veel onzekerheden. Dat probleem werd nog verergerd toen president van de Nederlandsche Bank Wellink luchtigjes over een tweede ronde begon te praten, daarmee olie op het vuur gooiend.

De voortdurende geruchtenstroom leidde tot groeiende steun voor nationalisatie en de creatie van een bad bank, een staatsvuilnisbelt voor toxic assets. En passant moest dan ook het gezonde deel van de banken genationaliseerd worden. Anders is het ‘bad-bankplan’ hetzelfde als de opkoopplannen van Paulson, met dezelfde bezwaren. Maar nationalisatie is een paardemiddel waartoe alleen moet worden overgegaan als er geen enkele andere mogelijkheid meer over is. Dus alleen als de bank irreparabel bankroet is maar toch gered moet worden, omdat anders het financiële systeem ten onder gaat. Van die situatie is bij ING geen sprake. Faillissement treedt pas op als er niet meer in rede verwacht mag worden dat de activa voldoende op zullen brengen om de verplichtingen af te dekken. Maar zelfs na stevige afboekingen blijft ING ruim gekapitaliseerd, mede dankzij de interventie van oktober.

Het probleem is niet de te verwachten verliezen, maar de onzekerheid rond die verwachtingen. En die is bovendien specifiek: het gaat alleen om de beleggingen van ING Direct USA, ING’s internetdochter in de VS. Die moest in de VS beleggen van de Amerikaanse toezichthouder en heeft dat met te veel enthousiasme in bijna-rommelhypotheken en daarvan afgeleide producten gedaan.

Financiën heeft gelukkig niet meegehuild met de wolven in het bos – het ministerie heeft voor een veel beter gestructureerde oplossing gekozen dan nationalisatie. De verliesafdekking op de portefeuille van ING Direct grijpt precies aan waar het probleem lag, namelijk bij de vraag of de laatste kapitaalinjectie voldoende was om de storm uit te zitten. Die vraag is nu afdoende beantwoord.

Verder is er ook een tweede tekortkoming van de eerste ronde aangepakt, namelijk het niet accepteren van enige verantwoordelijkheid door het zittend management. Ze bleven allemaal zitten bij Aegon, SNS Reaal en ING. Pal daarna gaven de verzamelde CEO’s van de Nederlandse banken een beschamende vertoning in de Tweede Kamer: het was allemaal niet hun schuld, het lag aan de boze buitenwereld en falend toezicht. Vooral dat laatste was een gotspe. Alsof een inbreker bij de rechter klaagt dat de politie niet op de uitkijk stond bij zijn kraak en daarom de echte schuldige is.

De bij ING opgestapte topman Tilmant is geen flamboyante zakkenvuller zoals we die van de Amerikaanse banken kennen. Hij heeft met succes aan een sobere strategische heroriëntatie van de ING-groep gewerkt, maar is nu gestrand op het probleem van ING Direct. Jammer dat een succesvolle carrière zo moet aflopen, maar je kunt niet geloofwaardig als CEO aanblijven als je twee keer in drie maanden door de staat gered moet worden.

Maar komt de belastingbetaler hier redelijk uit? De afdekking van het verlies is uiteraard een risico voor Financiën – als dat niet zo zou zijn had ING er ook niets aan gehad. De vraag is of de compensatie ervoor voldoende marktconform is. Dat zal afhangen van de precieze definitie van een verlies, en wat er allemaal in die portefeuille zit. Maar in elk geval wordt ervoor betaald, en is er vertrouwen vanwege de benoeming van Jan Hommen als CEO, die meer dan wie ook in Nederland zijn sporen verdiend heeft met orde scheppen in financiële chaos. En de gekozen oplossing, een verzekering tegen verdere verliezen in plaats van weer een kapitaalstorting, heeft het grote voordeel dat er alleen betaald wordt als het echt nodig is. Doordat maar 80 procent afgedekt wordt, blijft de ING toch een prikkel houden er het beste van te maken, maar haar voortbestaan wordt niet meer bedreigd in het geval dat dat niet lukt.

Sweder van Wijnbergen is hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam.

U kunt hier reageren op dit artikel.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Opinie
Opinie