Piraten vervolgen is een probleem
Nederland liet Somalische piraten gaan. Juristen pleiten voor vervolging via internationale wetgeving.
Rotterdam, 20 april. Nederland moet, samen met andere landen, zo snel mogelijk een internationaal tribunaal voor piraten oprichten. Het huidige systeem, waarbinnen vervolging van zeerovers vooral volgens nationale wetgeving verloopt, voldoet niet. Dat zeggen Nederlandse hoogleraren internationaal (straf)recht naar aanleiding van de snelle vrijlating, afgelopen zaterdag, van negen Somalische piraten door de Nederlandse marine.
De commandant van De Zeven Provinciën liet de piraten ontwapenen en een gekaapte vissersboot bevrijden, maar hij zag volgens Defensie onvoldoende grondslag om de piraten op te pakken. De Zeven Provinciën doet tot en met donderdag in de Golf van Aden mee aan een NAVO-missie tegen piraterij.
„Richt een ad-hoctribunaal op”, zegt Liesbeth Zegveld, hoogleraar internationaal humanitair recht, „vergelijkbaar met het Internationale Strafhof in Den Haag.” Geert-Jan Knoops, hoogleraar internationaal strafrecht: „Een tribunaal onder auspiciën van de Verenigde Naties kan bewijsmateriaal centraal verzamelen en gespecialiseerde aanklagers inzetten. Voor de verdachten ontstaat duidelijkheid over de geldende wetten.”
De Nederlandse marine is niet de enige die de afgelopen tijd Somalische piraten heeft vrijgelaten, direct nadat ze waren opgepakt.
Denemarken, Duitsland en de Verenigde Staten gingen voor. Afgelopen zaterdag liet de Canadese marine, in een operatie die vrijwel identiek was aan die van de Nederlandse, zeven piraten vrij na ze te hebben ontwapend. We hebben geen rechtsmacht, was ook voor de Canadezen het argument.
Ondermijning
De juridische onduidelijkheden ondermijnen de internationale inzet tegen de Somalische piraten, die bij een ander incident afgelopen zaterdag een Belgisch schip kaapten met een Nederlandse kapitein. De Belgische autoriteiten hadden vanochtend nog geen contact gehad met de bemanning, die koers moet zetten naar Somalië.
Zegveld en Knoops onderstrepen dat er wel degelijk een juridische basis is voor het vervolgen van piraten. Internationaal recht autoriseert dat elk land piraten uit ieder land mag vervolgen, voor piraterij waar dan ook. Universele rechtsmacht dus, bedoeld om de veiligheid op de wereldzeeën te waarborgen. Het Nederlandse Wetboek van Strafrecht zet tot twaalf jaar cel op zeeroverij.
Zegveld en Knoops vermoeden dat politieke beweegredenen een rol spelen bij de besluitvorming om al dan niet over te gaan tot vervolging. In een brief waarin de betrokken ministers Van Middelkoop (Defensie, ChristenUnie) en Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) vorige maand de Tweede Kamer informeerden over de kaders waarbinnen het marinefregat De Zeven Provinciën moet opereren, staat dat „vervolging en detentie in Nederland” alleen voor de hand ligt wanneer er een „duidelijk Nederlands belang” in het geding is. Maar het Openbaar Ministerie, dat over vervolging moet beslissen, is niet verplicht om ieder geval van piraterij te vervolgen. Waarom dan toch zo’n ‘clausule’? Knoops: „Omdat het kabinet zich indekt. Zodat het in niet-welgevallige situaties kan zeggen: nu even niet.”
Een woordvoerder van Defensie verklaarde dit weekend dat de commandant van De Zeven Provinciën de negen Somalische piraten in de Golf van Aden vermoedelijk heeft laten gaan vanwege onvoldoende Nederlands belang bij de zaak. Er is geen Nederlands schip aangevallen, er zijn geen Nederlandse slachtoffers gevallen.
Willekeur
In Nederland verschijnen volgende maand wel vijf Somaliërs voor de rechter die in januari een vrachtschip zouden hebben aangevallen dat voer onder vlag van de Nederlandse Antillen, onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden. „Ik begrijp de afweging wel”, zegt Zegveld, „als je iedereen gaat vervolgen, zitten hier straks tweehonderdvijftig piraten.” Maar, zegt zij samen met Knoops, zulke keuzes werken wel „juridische willekeur” in de hand.
Volgens Zegveld impliceert deelname aan een internationale operatie, die bedoeld is om de internationale zeevaart te beschermen, dat een land de wetgeving tegen piraterij ruim toepast. „Als elk land alleen maar ingrijpt als zijn nationale belang in het geding is, ondergraaft dat de missie.”
Overigens laat het OM weten dat het helemaal niet door De Zeven Provinciën is geraadpleegd over de aangehouden piraten. Terwijl het OM, aldus de brief aan de Kamer, beslist over vervolging. Een Defensie-woordvoerder zei dit weekend dat de commandant van De Zeven Provinciën tot vrijlating besloot, nadat eerst de commandant van de NAVO-missie waar De Zeven Provinciën onder valt, had gezegd dat er geen NAVO-brede afspraken zijn over vervolging van piraten. Raar, vindt Knoops: dat de NAVO geen afspraken heeft over vervolging was al lang bekend. Den Haag had dus kunnen weten dat vervolging een nationale kwestie zou zijn.
Knoops zou het „niet verbazen” als Defensie en justitie „slecht met elkaar hebben gecommuniceerd” over deelname aan de NAVO-missie. Volgens Knoops en Zegveld kunnen veel politieke en juridische bezwaren omzeild worden door een internationaal piratentribunaal.
Gerelateerde artikelen:
- Zeerecht schiet tekort bij Somalische zeerovers
- Zeerecht schiet tekort bij Somalische zeerovers
- Zeerecht schiet tekort bij Somalische zeerovers
- Vrijlating piraten in opdracht NAVO-commandant
- Vrijlating piraten in opdracht NAVO-commandant
- Vrijlating piraten in opdracht NAVO-commandant
- Verhagen en Clinton: laat kaper niet vrij
- Onzekerheid over Nederlandse gijzelaars Somalië
