‘Een grote aanslag in Europa is kwestie van tijd’
Het gevaar van een grote terroristische aanslag in Europa wordt onderschat, vindt deskundige Rob de Wijk. Als de Europese jihadisten terugkeren uit Irak, kunnen ze hier ellende aanrichten, waarschuwt hij.
DEN HAAG, 6 DEC. Op het eerste gezicht lijkt de strijd tegen het moslimterrorisme in Europa succesvol, constateert de Leidse hoogleraar strategische studies Rob de Wijk aan het eind van zijn vandaag in Den Haag gepresenteerde studie Doelwit Europa. Het aantal tussen 1994 en 2006 verijdelde, serieus te nemen terreurcomplotten (43) overtreft immers ruimschoots het aantal gelukte (3) en mislukte (2). Maar helaas. „Terrorismebestrijding is onbegonnen werk. Ingezet moet worden op beheersing ervan”. Dat er in Europa nog een „spectaculaire aanslag” lukt, is „een kwestie van tijd”.
En hij vreest dat dit wel eens een chemische, bacteriologische, radiologische of nucleaire aanslag zou kunnen zijn. Daartoe zijn bij de verijdelde complotten al pogingen ondernomen.
De Wijk baarde vorig jaar opzien door in zijn boek‘Supermacht Europa een lijst verijdelde aanslagen op te nemen, die mede gebaseerd was op niet-openbare informatie van inlichtingendiensten. In Doelwit Europa doet hij dat, nu met een lijst verijdelde complotten die hij één voor één analyseert, nog eens dunnetjes over. (zie inzet)
De Wijk onderstreept dat hij alleen ‘serieuze complotten’ behandelt. Dat brengt hem ertoe om, voor Nederland, twee complotten van de zogeheten Hofstadgroep op te nemen. Hij laakt de neiging van sommigen om het gevaar van deze complotten te bagatelliseren. Weliswaar lijkt het onwaarschijnlijk dat Samir A. met succes een aanslag had kunnen plegen op het hoofdkwartier van de inlichtingendienst AIVD in Den Haag, geeft De Wijk toe. Maar de Britse autoriteiten hadden het gevaar dat uitging van de daders van de gelukte aanslagen in de Londense metro in juli 2005 vooraf ook schromelijk onderschat.
De meeste complotten in Europa hebben betrekking op specifieke gebouwen, zoals bijvoorbeeld Amerikaanse ambassades (24). Daarna volgen 19 plannen voor aanslagen op soft targets als winkelcentra, markten, het uitgaansleven, sportevenementen en individuen.
Slechts twee keer had een complot betrekking op infrastructuur, zoals een gasnet en een kerncentrale, terwijl daarvan toch een grote maatschappelijke verstoring zou kunnen uitgaan, die het oogmerk is van de terrorist. De beramers van aanslagen geven echter de voorkeur aan een grotere kans van slagen boven de maximalisatie van het effect, wanneer een object zwaar bewaakt wordt, schrijft De Wijk. Overigens hadden alle in Europa tot nu toe gelukte aanslagen plaats in het openbaar vervoer: Parijs 1995, Madrid 2004, Londen 2005.
De terroristen in spe hebben een voorkeur voor goedkope methoden, reden waarom de controles op het overboeken van grote bedragen op zichzelf geen garantie vormen tegen het plegen van aanslagen. De aanslag in Madrid in 2004 kostte zo’n 40.000 euro, de kofferbommen die dit jaar in Duitsland werden gevonden slechts 200 à 300 per stuk.
De terroristen maken over het algemeen deel uit van lokale, homogene netwerken, waarbinnen zich ook hun radicalisering voltrekt. Voor de harde kern speelt radicale prediking in moskeeën maar een marginale rol. Evenmin is er veel te merken van directe leiding door Al-Qaeda, die voor lokale netwerken meer als bron van inspiratie fungeert. Onder de 122 namen die opduiken in het verhaal over de 43 verijdelde complotten zijn opmerkelijk veel bekeerlingen tot de Islam: ongeveer 10 procent.
De oorlog in Irak heeft veel terroristen geïnspireerd. „Zorgwekkend”, noemt De Wijk het vooruitzicht dat Europese moslims – na gerekruteerd te zijn voor de jihad in Irak – mogelijk naar hun land terugkeren en lokale netwerken „professionaliseren” en van internationale contacten voorzien. Onder rekruten voor de strijd in Irak zijn ook Nederlanders.
De effectiefste bestrijding van het terrorisme in Europa is geen optie, meent De Wijk: andere buitenlandse politiek en het voorkomen van alles wat radicale moslims tegen het hoofd zou kunnen stoten. „Een land als Nederland, met een pro-Amerikaanse politiek, troepen in Afghanistan en vrijheid van meningsuiting, dient te aanvaarden dat die politiek veiligheidsrisico’s oplevert”, aldus de Leidse hoogleraar.
Maar er is hoop, concludeert De Wijk, „mits de Westerse democratieën het geduld kunnen opbrengen”. De geschiedenis leert dat terreurbewegingen die hun doel niet bereiken, mettertijd wegebben.
Serieuze, verijdelde complotten in 2006:
Maart, Italië/Frankrijk: een complot gericht op aanslagen op de metro in Milaan en Parijs, de basiliek van Bologna en de geheime dienst in Parijs;
Juni, Verenigd Koninkrijk: complot gericht op de vervaardiging van een chemische bom;
Juni, Italië: complot gericht op aanslag op Amerikaanse basis in Italië;
Juli, Verenigd Koninkrijk: complot voor reeks aanslagen op transatlantische passagiersvluchten;
September, Denemarken/ mogelijk Frankrijk: complot voor aanslag;
September, Tsjechië: complot gericht op aanslag op synagoge in Praag.
