Risicoanalyse voor kinderen tot 4 jaar
Den Haag, 29 juni. Hulpverleners gaan voor ieder kind een inventarisatie maken van de risico’s die zich tijdens de opvoeding kunnen voordoen. Dat schrijft minister Rouvoet (Jeugd en Gezin, CU) in zijn beleidsprogramma dat hij gisteren bekendmaakte.
Rouvoet wil dat de nieuw op te richten Centra voor Jeugd en Gezin die risicoanalyse maken van elk kind onder de vier jaar. Kinderen met ouders die werkloos zijn, in de gevangenis zitten of in scheiding liggen, krijgen extra aandacht. Zo wil de minister voorkomen dat kinderen op latere leeftijd ontsporen. De Centra voor Jeugd en Gezin moeten kinderen tot hun 23ste levensjaar volgen. Alle hulpverleners moeten in dat wijkgerichte centrum met elkaar samen gaan werken.
Rouvoet legt een grote verantwoordelijkheid bij gemeenten. Die hebben volgens hem een „cruciale rol” in het jeugd- en gezinsbeleid. Gezinnen met problemen moeten één aanspreekpunt krijgen. Spelen er meerdere problemen in één gezin (bijvoorbeeld schulden en kindermishandeling) dan moeten de problemen in samenhang met elkaar worden opgelost, waarbij één van de hulpverleners de coördinatie van alle zorg op zich neemt. Zo moet worden voorkomen dat hulpverleners van de bureaus jeugdzorg, die onder provinciaal bestuur vallen langs gemeentelijke zorgverleners heen werken.
Rouvoet wil ouders van kinderen die in de problemen raken, via de rechter verplicht op opvoedcursus sturen. Hangjongeren die in groepen overlast veroorzaken wil Rouvoet in groepsverband aanpakken.
