Broers veroordeeld voor mensenhandel in Sneep-zaak
Rotterdam, 11 juli. De rechtbank in Almelo heeft zes mannen veroordeeld tot celstraffen tot zevenenhalf jaar voor mensenhandel in de ‘Sneepzaak’.
Vijf van hen maakten volgens de rechtbank ook deel uit van de criminele organisatie die de slachtoffers van de mensenhandel dwong als prostituee te werken. De Turks-Duitse hoofdverdachte Saban B. kreeg de langste straf: zevenenhalf jaar cel; zijn broer Hasan tweeënhalf jaar.
De broers B. en medeverdachte Bekir I. leidden volgens de rechtbank jarenlang een extreem gewelddadige, goed georganiseerde mensenhandelbende die tientallen vrouwen gedwongen in de prostitutie liet werken in Amsterdam, Alkmaar, Utrecht, Den Haag en in Duitsland en België. Sommigen werden geronseld in Oost-Europa, anderen werkten al in Nederland. Met een netwerk van pooiers, bewakers en chauffeurs werden de vrouwen 24 uur per dag in de gaten gehouden. De broers lieten hen tussen verschillende steden rouleren zodat ze geen band op konden bouwen met klanten of de politie. Het geld dat ze verdienden moesten ze aan de bende afstaan.
De straffen zijn lager dan wat de officier van justitie had geëist. Vooral Saban B. en Bekir I. gebruikten veel geweld, bijvoorbeeld om vrouwen te dwingen zich te prostitueren en ze in de prostitutie te houden. Ook klanten en concurrerende pooiers werden gewelddadig bejegend, stelde de rechtbank. „De verdachten hebben op grove wijze misbruik gemaakt van de kwetsbare, geïsoleerde en afhankelijke positie waarin deze vrouwen zich bevonden.”
