Arts moet vermoeden kindermishandeling melden
Amsterdam, 4 sept. Artsen moeten het voortaan melden bij het advies- en meldpunt Kindermishandeling (AMK) als zij vermoeden dat een kind wordt mishandeld door zijn ouders. Zij moeten ‘spreken, tenzij’ in plaats van te ‘zwijgen, tenzij’. De zogeheten zorgplicht voor het kind zal zwaarder wegen dan het beroepsgeheim van de arts.
Dit staat in de nieuwe meldcode voor artsen die de artsenvereniging KNMG vandaag presenteerde en die de pas zes jaar oude meldcode vervangt. Volgens voorzitter Peter Holland van de KNMG zijn „ontwikkelingen in de samenleving”, zoals de dood van twee kinderen – Savanna en ‘het meisje van Nulde’, aanleiding de code te verbeteren.
„Er is nu veel aandacht voor kindermishandeling en er is zelfs een minister voor. Er worden jaarlijks wel 100.000 kinderen mishandeld, van wie er maar 17.000 worden gemeld bij het AMK. Van hen zijn er slechts 350 door een arts gemeld. Wij willen onze verantwoordelijkheid nemen.”
Artsen worden geacht alleen nog te zwijgen als ze denken dat ze door melding zelf gevaar zullen lopen of dat de ouders het mishandelde kind daardoor niet meer naar een arts zullen brengen. De code schrijft voor dat artsen hun twijfels over de toedracht van blauwe plekken of wonden moeten bespreken met collega’s en vervolgens met het AMK.
In de praktijk gaat het om huisartsen, kinderartsen, kinderchirurgen, kinderpsychiaters, jeugd- en consultatiebureau-artsen en poortartsen van de spoedeisende hulp van ziekenhuizen. Zij zullen nascholing krijgen om kindermishandeling sneller te zien.
Zijn de artsen niet bang dat ouders – ook ouders die hun kind niet mishandelen – artsen zullen mijden uit angst om van mishandeling te worden verdacht? Holland: „Geen enkele constructie werkt perfect, er zullen altijd compromissen zijn. Dat kan betekenen dat soms onschuldige ouders worden verdacht van mishandeling.” Signalering draait volgens hem om een optelsom van factoren: herhaaldelijk blauwe plekken, een zwak milieu en spanningen thuis.
