Kamer steunt handhaving rookverbod
Den Haag, 18 nov. Een Kamermeerderheid steunt de hardere aanpak van horecaondernemers die het rookverbod negeren. Het Openbaar Ministerie (OM) zal een lik-op-stukbeleid gaan voeren tegen hardnekkige wetsovertreders, liet minister Klink (Volksgezondheid, CDA) gisteren aan de Tweede Kamer weten.
Schending van het rookverbod in de horeca, dat op 1 juli inging, wordt voortaan beschouwd als een economisch delict, omdat er sprake is van concurrentievervalsing. Horecaondernemers krijgen sneller boetes opgelegd en de rechter kan een zaak tijdelijk sluiten. Klink: „Ik wil er geen misverstand over laten bestaan dat het het kabinet ernst is. In dit land dienen wetten nageleefd te worden en die gelden voor iedereen.” Alle regeringsfracties zijn het hiermee eens.
De hardere aanpak komt bovenop de boetes die de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) oplegt. Dat zijn er tot nu toe vijfhonderd. De boetes lopen op van 300 tot 2.400 euro. Nadeel is dat een kroegbaas bezwaar kan aantekenen, waardoor uitvoering van de sanctie anderhalf jaar kan duren.
De Voedsel en Waren Autoriteit kan het OM inschakelen als er voor ten minste 500 euro aan boetes is opgelegd. Controleurs moeten dus eerst tweemaal een boete opleggen voordat de hardere aanpak ingaat.De politie kan de controleurs ondersteunen bij moeilijkheden. Er komen geen extra controleurs, maar de VWA zal zich richten op regio’s waar het verbod wordt genegeerd.
Kamerlid Bouwmeester (PvdA) is „helemaal voor” de harde handhaving van het rookverbod. „Wie niet horen wil, moet maar voelen.” Het rookverbod was een democratisch besluit – alleen de VVD en de PVV stemden tegen – en volgens Bouwmeester „kan het niet zo zijn dat tegenstanders zich daar niet aan hoeven te houden”. Ook CDA-Kamerlid Joldersma vindt de aanpak terecht. „De overtreders verpesten het voor de goedwillende ondernemers.” Zij vraagt Klink te kijken naar knelpunten. Zo klagen kleine cafés dat ze moeilijk een terrasvergunning krijgen. Joldersma: „Misschien dat dat versneld kan worden.”Ook ChristenUnie en SP vinden dat de minister de wet nu moet handhaven.
Kamerlid Zijlstra (VVD) wil een wetswijziging om de kleine caféhouders tegemoet te komen. „Voor hen moet een uitzondering gemaakt worden omdat zij geen ruimte hebben om een aparte rookruimte te creëren.” Volgens Zijlstra dreigen duizenden ondernemingen om te vallen.
Anti-tabakstichting Stivoro is „ontzettend blij” met de harde aanpak vanwege de „olievlekwerking”. Een woordvoerder: „Horecaondernemers hielden zich netjes aan het rookverbod, maar zodra de buurman de asbakken weer op tafel zette, deden zij dat ook.” Volgens Stivoro was 60 procent van de bevolking destijds vóór het rookverbod.
|
In buitenland is rookverbod geen probleem Naleving van het rookverbod in andere landen is over het algemeen „zeer goed”, schreef Klink eerder aan de Kamer. Een Europese richtlijn verplicht horecaondernemers hun personeel rookvrij te houden. In België, Cyprus, Estland, Finland, Frankrijk, Ierland, Italië, Letland, Luxemburg, Roemenië, Slovenië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk kan – behalve de ondernemer – ook de roker die het rookverbod negeert worden beboet. In Denemarken, Litouwen, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk en Zweden is alleen de horecaondernemer strafbaar. IJsland kent geen boetes, maar kan vergunningen intrekken. „Geen van deze landen meldt problemen met de naleving”, aldus de minister. Klink wil rokers niet strafbaar stellen: „Dat is geen noodzakelijke voorwaarde voor een goede naleving.” Het zou bovendien een lange wetsvoorbereiding vergen. |
