Een krans bij de leider van slavenopstand
De opheffing van de Antillen gaat vandaag een nieuwe fase in. Het verzet op Curaçao tegen de blijvende invloed van Nederland neemt toe.
Willemstad, 15 dec. Knetterende rotjes leken wel pistoolschoten, bij het koninkrijksconcert in de Curaçaose hoofdstad Willemstad gisteravond. Achter dranghekken protesteerden circa honderd demonstranten luidruchtig tegen de Nederlandse ‘rekolonisatie’. Op de borst geprikte gele davidsterren stonden symbool voor verzet tegen de wens van de Nederlandse regering om Curaçaoënaars in Nederland te registreren in een Verwijsindex Antillianen (VIA). Voor de NOS-camera liet staatssecretaris Ank Bijleveld (Koninkrijksrelaties, CDA) weten dat ze deze vorm van demonstreren „volstrekt ongepast” vond.
De verhoudingen tussen Nederland en Curaçao zijn wel eens warmer geweest. De tweede Ronde Tafel Conferentie (rtc), over de opheffing van het Antilliaanse staatsverband, begint vandaag met rumoer en protest. En dat terwijl het overleg niet veel meer is dan een juridische toetsing. Onder voorzitterschap van Balkenende wordt het wettelijk ontwerp voor de twee nieuwe landen Curaçao en Sint-Maarten, en voor de drie openbare lichamen – ofwel bijzondere Nederlandse gemeenten – Bonaire, Sint-Eustatius en Saba getoetst aan criteria van deugdelijk bestuur. In ruil voor toezicht op rechtshandhaving en overheidsfinanciën van de vijf eilanden saneert Nederland 70 procent van de Antilliaanse staatsschuld, voor een bedrag van 1,7 miljard euro.
Het is de rtc die maar niet kwam. Een toetsingsvergadering, die volgens oud-premier Don Martina van de Antillen veel eerder had moeten plaatsvinden. Doordat Nederland de rtc op zijn beloop heeft gelaten, is „Curaçao de kans ontnomen de gesignaleerde pijnpunten op Koninkrijksniveau te bespreken”, aldus Martina in een open brief aan Balkenende, waarin hij Nederland machtsmisbruik aanwrijft.
De ruil tussen schuldsanering en Nederlands toezicht is op Curaçao omstreden. Regeringscoalitie en oppositie zijn hevig verdeeld over de met Nederland gemaakte afspraken. Vooral het feit dat de Nederlandse minister van Justitie in de toekomst bij zeer ernstige criminaliteit mag ingrijpen in de rechtshandhaving op de eilanden, ofwel de aanwijzingsbevoegdheid, ligt gevoelig.
Drie Curaçaose advocaten, in samenwerking met oud-premier Don Martina en andere Antilliaanse kopstukken, organiseren demonstraties tegen deze bevoegdheid. Een lange sliert auto’s met felle koplampen reed gisteravond over het eiland. Vandaag volgt een protestmars, waarbij onderweg een krans wordt gelegd bij het standbeeld van Tula, de leider van de grote slavenopstand van 1795.
Ondertussen is het onduidelijk of de aanwijzingsbevoegdheid nog op de rtc-agenda staat. „Nee, eerst moet de Raad van State zich erover uitspreken”, zegt de Antilliaanse vicepremier Ersilia de Lannooy. Volgens de woordvoerder van minister Ernst Hirsch Balin van Justitie geldt dat echter voor alle vijf consensusrijkswetten, naast het openbaar ministerie ook voor het Hof, de politie, de Raad voor de Rechtspraak en het toezicht op de overheidsfinanciën, die vandaag de revue passeren. Een ander knelpunt, de criteria voor goed bestuur bij Curaçaose overheidsbedrijven, heeft de agenda ook niet gehaald. De kwestie is nog niet behandeld in de Curaçaose eilandsraad, vergelijkbaar met een Nederlandse gemeenteraad. „Die code voor good governance komt er ook niet”, meent eilandsraadlid Norbert George van de Democratische Partij. „Anders voldoen geen van de door coalitiepartij Frente Obrero van Anthony Godett benoemde leden in raden van commissarissen meer aan de capaciteitseisen.” Volgens George is de rtc een ceremonieel circus. „Er wordt niets geaccordeerd wat niet al panklaar is.”
Dat deze conferentie zoveel emoties oproept zegt iets over de gevoeligheid en complexiteit van het staatkundige proces. Ook in Den Haag klonk fel protest. Parlementariërs riepen Balkenende en Bijleveld vorige week naar de Tweede Kamer, waar ze moesten bevestigen dat er tijdens de rtc „geen onomkeerbare stappen” worden gezet. Maar volgens Bijleveld maakt „de Kamer zich druk om niets”, zo zei ze tegen de Wereldomroep.
Uiteindelijk zijn de zogeheten consensusrijkswetten goedgekeurd door de rijksministerraad, gaat het Antilliaanse parlement over de wetten voor Curaçao en Sint-Maarten en heeft de Kamer het laatste woord over het wettelijk kader voor de BES-eilanden (Bonaire, St. Eustatius en Saba).
Dat betekent niet dat er geen knelpunten zijn. Zo is Aruba een onzekere factor. Het eiland eist de zetel op van het Hof van Justitie, dat nu op Curaçao is gevestigd. Aruba, dat in 1986 uit het Antilliaanse staatsverband trad, stemde daarom onlangs tegen de zogeheten consensusrijkswet (zie kader) voor het Hof in de rijksministerraad. Via een bestuurlijke krachttoer werd deze wet er toch doorgedrukt. Maar volgens de Antilliaanse premier Oduber is de term consensus zo niet meer dan een lege letter. Oduber verliet het concert gisteravond gearmd met de Antilliaanse minister-president Emily de Jongh-Elhage, maar het is onduidelijk hoe Aruba zich vandaag gaat opstellen.
Vuurwerk wordt ook verwacht van de kant van Sint-Maarten. Dat het eiland door de Tweede Kamer, wegens corruptie, witwaspraktijken en andere onrechtmatigheden, wordt gezien als „het zorgenkindje van het staatkundig proces”, maakt kennelijk weinig indruk op Sarah Wescot-Williams, de politiek leider van Sint-Maarten. Waar de Kamer Bijleveld aanspoort het eiland duidelijk te maken dat de status van land er voorlopig niet inzit, eist Wescot-Williams juist een definitieve datum voor de ontmanteling.
Eerdere streefdata, zoals 1 juli 2007 en 15 december 2008, bleken onhaalbaar. Reden genoeg voor Sint-Maarten, dat al in 2000 via een referendum het startschot gaf voor het uiteenvallen van de Antillen, om de nieuwste streefdatum van 1 januari 2010 officieel te willen vastleggen. Maar Bijleveld heeft al laten weten dat de uiteindelijke datum pas op de zogenoemde slot-rtc zal worden vastgesteld. Het is een publiek geheim dat het kabinet-Balkenende de opheffing van de Nederlandse Antillen niet voor 2011 verwacht.
|
Op weg naar einde De rtc van vandaag is een "bouwtekening”, aldus staatssecretaris Bijleveld. Tijdens een start-rtc in november 2005 gaf Balkenende de eerste aanzet voor ontmanteling van de Antillen. Via veelvuldig politiek topoverleg is sindsdien moeizaam overeenstemming bereikt over consensusrijkswetten voor het Hof, het Openbaar Ministerie, de politie, de Raad voor de Rechtspraak en financieel toezicht. Op Curaçao volgt in april 2009 een referendum over de staatkundige onderhandelingen. Voordat het Antilliaanse staatsverband definitief wordt opgeheven volgt nog ministens een slot-rtc. |
