Kritiek op Jeugdzorg in petitie
Rotterdam, 3 maart. Een groep ouders en grootouders heeft vanmiddag in Den Haag bij de leden van de vaste Kamercommissie voor jeugd en gezin geprotesteerd tegen de manier waarop Jeugdzorg, Kinderbescherming en gezinsvoogdij-instellingen omgaan met uit huis geplaatste kinderen en hun ouders. Zij boden een petitie aan die is ondertekend door 1.812 ouders en grootouders.
De aanbieders stellen dat „kinderen zonder enige vorm van onderzoek of een machtiging van de kinderrechter met politiegeweld uit huis gehaald worden”. Ouders mogen vaak wekenlang hun meegenomen kind niet zien – ook ouders van wie niet vaststaat dat ze het kind mishandelden. Kinderen moeten bij gebrek aan plekken in tehuizen en pleeggezinnen vaak verschillende keren verhuizen, behandeling laat op zich wachten en broertjes en zusjes worden uit elkaar gehaald.
Ook mensen die beroepshalve met Jeugdzorg te maken hebben, zoals leraren en advocaten, tekenden de petitie. In december schreven twaalf advocaten een brief aan de rechtbank Rotterdam waarin ook zij stelden dat Jeugdzorg en de Kinderbescherming kinderen te snel uit huis halen. Volgens de advocaten gaan hulpverleners daarbij vaak onzorgvuldig te werk en kijken ze te weinig naar alternatieven, zoals begeleiding thuis. De kinderrechter zou te makkelijk instemmen met uithuisplaatsing.
Elk jaar vragen Jeugdzorg en de Kinderbescherming meer ‘onder toezicht stellingen’ aan bij de kinderrechter, die ook worden gehonoreerd. In 2007 werden 29.000 kinderen onder toezicht gesteld van Jeugdzorg, in 2006 26.000. Daardoor worden er (in absolute aantallen) ook meer kinderen uit huis gehaald dan voorheen. Critici schrijven dit toe aan de vervolging van de voogd van de Alphense peuter Savanna. Jeugdzorg en Kinderbescherming ontkennen het bestaan van een ‘Savanna-effect’.
