Gezondheidsraad wil landelijk inenten tegen hepatitis
Rotterdam, 31 maart. De Gezondheidsraad adviseert minister Klink (Volksgezondheid, CDA) een inentingsprogramma tegen hepatitis B voor alle zuigelingen en pubers.
Nu worden alleen mensen met een verhoogd risico voor hepatitis B ingeënt, zoals homoseksuelen, druggebruikers, politieagenten en kinderen van gezinnen uit landen met een hoog risico. Als alle zuigelingen worden gevaccineerd, scheelt dat in vijftig jaar 1.500 doden in Nederland, stelt de Gezondheidsraad. Met een inhaalcampagne bij pubers zouden 500 levens extra worden gespaard. Mensen met hepatitis B kunnen overlijden door het uitvallen van leverfuncties of leverkanker.
Het vaccin voor zuigelingen kan tegelijk met de zogenoemde dktp-prik worden gegeven in het eerste levensjaar. Daarbij gaat het om ongeveer 170.000 kinderen per jaar. Bij de inhaalcampagne voor jongeren, die twaalf jaar zou duren, gaat het jaarlijks om 200.000 pubers. Ze moeten zich, net als bij de campagne rond het vaccin tegen baarmoederhalskanker in korte tijd drie keer laten prikken voordat het vaccin optimaal werkt. Per jaar kost dat circa 2,5 miljoen euro.
Nederland is een van de weinige landen dat geen algemeen vaccinatieprogramma kent tegen hepatitis B. Volgens de Gezondheidsraad enten 160 landen hun bevolking in tegen die ziekte. Behalve Nederland hebben in de westerse wereld alleen Groot-Brittannië, Ierland en Scandinavië vaccinatiebeleid dat gericht is op risicogroepen. Ook in die landen wordt overwogen algemene vaccinatie in te voeren. In Italië is het aantal gevallen van acute hepatitis B na invoering van het algemene vaccinprogramma gezakt van elf tot drie per 100.000 inwoners per jaar.
Minister Klink beslist dit voorjaar wat hij doet met het advies. Secretaris Hans Houweling bij de Gezondheidsraad erkent dat acceptatie belangrijk is en „er op dit moment niemand zit te wachten” op snelle uitvoering van een nieuwe landelijke vaccinatie, gezien de problemen rond de campagne tegen baarmoederhalskanker. Van de tienermeisjes die zijn opgeroepen is maar 50 procent verschenen.
