Urkers bevechten windmolenpark
Urk, 3 april. Waar winden dorpelingen zich over op? Bij Urk verrijst het grootste windmolenpark van het land. Tenzij de Urkers hun zin krijgen.
Urk briest. Urk is boos. „Ik ken hier geen mensen die dit een goed plan vinden”, zegt burgemeester Jaap Kroon van het voormalige eiland.
Rijk, provincie Flevoland en de buurgemeente Noordoostpolder willen bij Urk het grootste windmolenpark van Nederland bouwen. Er komen tachtig tot honderd windmolens die, wieken meegerekend, tot maximaal tweehonderd meter hoogte reiken. Ze komen aan weerszijden van het dorp te staan, even buiten de gemeentegrenzen, op het land en in het water van het IJsselmeer.
De burgemeester laat op het stadhuis mismoedig fotomontages zien waarop de vuurtoren en de huisjes op Urk nietig afsteken tegen de molens. „Het beeld van ons duizend jaar oude dorp dat oprijst uit het water, wordt vernield. Ik heb er geen ander woord voor. Dit project is zo immens dat het op de Noordzee thuishoort.”
Een actiecomité Urk Briest heeft vijfduizend handtekeningen opgehaald. Drijvende kracht is Leen van Loosen, in het dagelijks leven manager van de Urker uitvaartvereniging Draagt Elkanders Lasten. Hij vertelt dat minister Plasterk (Cultuur, PvdA) anderhalf jaar geleden naar Urk kwam met als cadeautje de status van beschermd dorpsgezicht. En precies hier komt het grootste windmolenpark van Nederland? In rijen langs de noordelijke kustlijn, op ruim anderhalve kilometer van de dijk, in de blikrichting van de stenen vrouw bij het monument voor omgekomen vissers?
„Het voelt als pesten”, zegt Leen van Loosen. „De identiteit van dit dorp wordt te grabbel gegooid.” Hij stelt dat de molens geluidsoverlast zullen veroorzaken en huizen daardoor minder waard worden. Dat visgebieden verloren gaan. Dat de molens bij een kwetsbaar geologisch reservaat komen te staan. En misschien is ook de veiligheid wel in het geding, zegt hij, want de vuurtoren kan z’n licht niet goed kwijt en de molens zouden ook de dijken weleens kunnen verzwakken.
Woensdag komt minister Van der Hoeven (Economische Zaken, CDA) op bezoek. Zij noemde eerder op de radio de weerstand op Urk een „drama” en schreef de Tweede Kamer dat de windmolens de cultuurhistorische waarden van het dorpsgezicht niet aantasten. Alle reden voor Urk Briest om de minister volgende week een paar oogkleppen te willen aanbieden. „Alleen dan zie je nog het beschermde dorpsgezicht.”
Met het park gaat een wens van de provincie Flevoland en de gemeente Noordoostpolder in vervulling. Zij wilden acht jaar geleden al een einde maken aan de „wildgroei” van solitaire windmolens bij boerderijen, die afbreuk doen aan het landschap. Nu is er eindelijk, na „zorgvuldig onderzoek”, een locatie gevonden waar al die molens samen worden gebracht om een bijdrage te leveren aan de nationale doelstellingen voor duurzame energie.
Gedeputeerde Anne Bliek (VVD): „Dit windmolenpark levert een enorme bijdrage aan duurzame energie. Dat mensen in de directe omgeving bezwaar hebben, begrijp ik wel. Daarom gaan we met hen in gesprek. En we zullen zorgen voor een goede landschappelijke inpassing. Als je in het centrum van Urk staat, dan zie je de windmolens ook niet.”
Buurgemeente Noordoostpolder is best tevreden over de plannen. Volgens wethouder Leo Voorberg (ChristenUnie/SGP) doet de locatie recht aan het landschap. „De molens passen in de lijn van de dijk. En ze staan op behoorlijke afstand.” Volgens de wethouder is de Urker verontwaardiging op verkeerde uitgangspunten gebaseerd. „Urk maakt een volstrekt onjuiste visualisatie door tekeningen te maken waarin de windmolens pal naast de vuurtoren worden geplaatst. Dat is een vertekening van de werkelijkheid. Dat mag niet. Je moet met eerlijke informatie komen. Als kind hebben we al geleerd om in perspectief te tekenen. De windmolens staan in werkelijkheid verder weg, en komen dus nooit boven de vuurtoren uit. De molens zijn niet dominant in het landschap. Het zijn lange, slanke masten waarvan de kleur wegvalt in de omgeving.”
De stuurgroep van overheden hoopt dat de molens over vier jaar draaien „op een van de beste windlocaties van Nederland”. Een communicatiebureau is ingeschakeld om een positiever houding jegens de windmolens te bereiken. De plannenmakers hopen binnenkort in overleg te komen met de tegenstanders.
Projectdirecteur Dirk Louter: „De fundamentele discussie over de vraag of dit plan van tafel moet, kan ik niet voeren. Ik hoop dat we over de inpassing wat voor elkaar kunnen betekenen.” Zo komen er tweehonderd banen, onder meer door onderhoud aan de molens. Ook wordt gekeken naar mogelijkheden Urkers te laten participeren in het project en delen in het verwachte rendement.
Een totaal ander alternatief zit er vermoedelijk niet in. Louter: „Het is respectabel om te vinden dat dit project op de Noordzee thuis hoort. Maar dan zou je nergens meer windmolens op land kunnen neerzetten. Het gaat hier om een typisch voorbeeld van een spanning tussen nationale en lokale belangen. Iedereen heeft de mond vol van de klimaatcrisis, maar die kun je alleen te lijf als je er hier en nu iets aan doet. Dat proberen we te doen met een zorgvuldige afweging van belangen.”
