CDA worstelt met opkomst van Wilders’ PVV

PVV-fractievoorzitter Geert Wilders in de Tweede Kamer.
Door onze redacteuren Pieter van Os en Herman Staal

Socioloog Anton Zijderveld heeft het lidmaatschap van het CDA opgezegd. De partij moet meer stelling nemen tegen Geert Wilders. Hij staat niet alleen.

Den Haag, 27 april. De gemoederen liepen hoog op, afgelopen dinsdag in de fractievergadering van het CDA. Het ging niet over de JSF, hét politieke onderwerp van de voorbije week, maar over legerimam Ali Eddaoudi. Die had met grievende uitspraken over de premier en laatdunkende opmerkingen over de Nederlandse missie in Uruzgan ophef veroorzaakt in de Tweede Kamer. Zou de CDA-fractie meestemmen met een motie van Verdonk (ex-VVD) en de VVD – tegen staatssecretaris De Vries (Defensie, CDA)? Die zou dan zijn aanstelling van de imam als geestelijk verzorger moeten terugdraaien. Sommigen in de CDA-fractie vonden die motie een principiële schending van de scheiding tussen kerk en staat, en de vrijheid van meningsuiting. Maar uiteindelijk stemden alle aanwezige fractieleden vóór. Toch haalde de motie het niet; de ChristenUnie stemde tegen en De Vries kon Eddaouidi gewoon benoemen. Tot opluchting van de CDA-partijtop. De partij wilde wel een stevig geluid laten horen over deze imam – „met een hijgende Wilders in onze nek”, zei een CDA’er – maar niet de eigen staatssecretaris in de knel brengen.

Het voorval tekent de worsteling van het CDA met het integratievraagstuk en met de opkomst van Geert Wilders’ PVV. Een nieuw voorbeeld daarvan diende zich dit weekend aan: de socioloog Anton Zijderveld zegde publiekelijk zijn lidmaatschap op. Het CDA, vindt hij, neemt niet hard genoeg afstand van Wilders. Tot zijn ergernis sloot partijvoorzitter Peter van Heeswijk, onlangs in De Volkskrant, de PVV zelfs niet uit als regeringspartner. Van Heeswijk: „Ik sluit geen enkele coalitie op voorhand uit. Maar gezien de grote verschillen die er nog zijn met Wilders en onze partij, moet er nog bewogen worden.”

„De PVV is voor mij hetzelfde als de Centrumpartij van Janmaat destijds”, zei oud-fractieleider Bert de Vries onlangs in Trouw. „Daar deden we ook geen zaken mee.”

Van Heeswijks uitspraak is een uitwerking van de vaste mantra: voor verkiezingen sluit het CDA nooit een democratisch gekozen partij uit om mee samen te werken. Maar met name oudere partijprominenten hebben moeite met de voorzichtige opstelling jegens Wilders en de harde lijn ten opzichte van moslims. Oud-premier Dries van Agt noemde de PVV „een verwerpelijke partij”. En Bert de Vries voorspelde in Trouw dat als het CDA samenwerking zoekt met de PVV, „mensen zoals ik zullen afhaken.”

Zijderveld, die morgen het boek Populisme als politiek drijfzand presenteert, ziet dat hij met zijn kritiek geen eenling is binnen de partij. „Velen binnen het CDA, die veel prominenter zijn dan ik ooit ben geweest, verzetten zich tegen de opstelling van de leiding en de Tweede Kamerfractie”. De stemming tegen de legerimam bevestigde zijn stelling dat het CDA dom reageert tegen de derde godsdienst in ons land. „Als er nou één partij open zou moeten staan tegenover welwillende moslims, is dat toch het CDA? Het was pure islamofobie van de CDA-fractie.” Zijderveld onderstreept wel dat dit niet voor iedereen geldt binnen de fractie. Kamerlid Van Toorenburg had hem dit weekeinde gebeld, zegt Zijderveld, en noemde zijn opzeggen „een wake-up call”.

Volgens oud-Europarlementariër en voormalig directeur van het wetenschappelijke instituut van het CDA Arie Oostlander zit het rot niet in de partij, maar hangt er „een slecht virus” bij de CDA’ers in Den Haag. „Daar wordt door onze partijgenoten te veel gedacht in termen van tactieken en marktonderzoek.” Zelfs als je in die termen denkt, meent hij, is de lankmoedige houding tegenover de PVV onverstandig. „Je ruilt betrouwbare principiële CDA-stemmers in voor een opportunistischer slag. Die kiezers ben je bij een volgende verkiezing zo weer kwijt aan de VVD of de PVV. Terwijl je de principiële en trouwe CDA’ers, aan wie de partij echt iets heeft, niet snel weer terugkrijgt.”

Hoewel deze partijprominenten zich zo duidelijk uitlaten, ontbreekt vooralsnog echte openlijk discussie in de partij. Senator Hans Hillen schreef vorige maand in deze krant dat het CDA „te veel naar binnen gekeerd is en vrijwel niet zichtbaar in het maatschappelijke debat.” Hillen, nu: „Er is geen enkele reactie op gekomen. Alleen binnenskamers.”

Kamerlid Van Toorenburg laat weten dat na intern beraad alleen het partijbureau op het vertrek van Zijderveld reageert. De woordvoerder van het partijbureau spreekt zijn voorzitter na: het CDA sluit nooit een partij uit, maar de verschillen met Wilders zijn groot. „Die laatste zin krijgt wat weinig aandacht, terwijl die minstens zo belangrijk is”, zegt hij erbij.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Binnenland