Bouwen in buurt zeldzame flora of fauna mag

Door onze redacteur Arjen Schreuder

Utrecht, 19 juni. De aanwezigheid van zeldzame planten en dieren hoeft bouwprojecten niet langer in de weg te staan. Dat is de strekking van het nieuwe ‘soortenbeleid’ van minister Verburg (Natuur, CDA) dat gisteren in Utrecht is gepresenteerd.

Burgers, bedrijven en overheden die grotere ‘leefgebieden’ inrichten voor zeldzame planten en dieren, hoeven geen ontheffing meer aan te vragen om in de buurt daarvan te kunnen bouwen.

Een ‘generieke ontheffing’ bij het maken van inbreuk op het leefgebied van zeldzame diersoorten wordt voor het eerst beproefd in Flevoland. De provincie werkt aan een plan dat het voortbestaan van de rugstreeppad garandeert, bijvoorbeeld door de aanleg van poelen. Met dit plan is het verlenen van individuele ontheffingen en compenserende maatregelen bij bouwactiviteiten overbodig.

De ‘leefgebiedenbenadering’ van minister Verburg moet een einde maken aan de vele conflicten die zich de afgelopen jaren, sinds de invoering van de nieuwe Flora- en Faunawet zeven jaar geleden, hebben voorgedaan. Tientallen bouwplannen werden stilgelegd bij de ontdekking van een zeldzame plant- of diersoort. Bekend werd vooral de korenwolf, de bijna uitgestorven wilde hamster die de aanleg van een industrieterrein in Heerlen wist te vertragen.

„Het allerbelangrijkste is dat we nu beschikken over een precisie-instrument om de impasse te doorbreken tussen economie en ecologie”, zegt Rob van Brouwershaven, directeur natuurbeheer van LNV. Hij benadrukt dat het nieuwe beleid bouwers én natuurbeschermers helpt. „De leefgebiedenbenadering is een belofte voor behoud van biodiversiteit. Je kunt bouwen en beschermen tegelijk.”

Verspreid over heel Nederland zijn inmiddels tachtig projecten waarin wordt gewerkt aan het verbeteren van het leefgebieden van bedreigde soorten. Daaronder het realiseren van overwinteringsplaatsen voor vleermuizen in de stad Utrecht, het beheer van voormalige mergelgroeven in Limburg ten behoeve van de geelbuikvuurpad; het inzaaien van akkerranden in Groningen voor de grauwe kiekendief; en het herstel van stuifzandgebieden in West-Brabant voor de gladde slang. Eerder al werd de korenwolf in Limburg voor uitsterven behoed. Na een fok- en uitzetprogramma lopen er weer enkele honderden wilde hamsters rond.

Gepubliceerd in:
Binnenland
Nieuwsbrief