KNMI: aanpassing klimaatscenario's onnodig
Rotterdam, 29 juli. Dat de klimaatverandering in Nederland „deels sneller dan verwacht” verloopt, is voor het KNMI geen aanleiding de klimaatscenario’s te wijzigen. Dat staat in een vandaag verschenen rapport.
Rijkswaterstaat, gemeenten en waterschappen baseren hun beleid op de drie jaar geleden verschenen klimaatscenario’s uit De Bilt voor het jaar 2050. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld het verhogen van dijken, het vergroten van riolen en het bouwen van hittebestendige woningen in steden. Zij hebben het KNMI gevraagd of de klimaatscenario’s niet verouderd zijn, nu de afgelopen drie jaar veel nieuw onderzoek is gepubliceerd.
Sinds het uitbrengen van de scenario’s bleek vorig jaar dat de temperatuur in Nederland en West- Europa twee keer zo snel stijgt als in de rest van de wereld. Ook bleken vorig jaar de ijskappen van West-Antarctica en Groenland sneller dan gedacht af te smelten, wat mogelijk gevolgen heeft voor de zeespiegel aan de Nederlandse kust. Ook is onder wetenschappers de overtuiging gegroeid dat het in West-Europa ’s zomers, tussen droge perioden in, kort maar heviger zal kunnen regenen dan eerder werd aangenomen.
Het KNMI ziet in deze inzichten geen reden de scenario’s te wijzigen. De relatief snelle opwarming van West-Europa is verklaarbaar, aldus het rapport. En over de oorzaken van het afkalven van de ijskappen is nog onvoldoende” kennis beschikbaar. Ook de verhevigde regenval in de zomer is geen reden tot paniek. „De veranderingen vallen nog grotendeels binnen de marges van deze scenario’s.”
Alle klimaatscenario’s van het KNMI gaan ervan uit dat de opwarming van Nederland doorzet, dat de winters natter worden en dat de zeespiegel blijft stijgen. Wel verschillen de scenario’s in de mate waarin Nederland in 2050 zal zijn opgewarmd en de luchtstromingen zullen zijn veranderd.
|
Lees vanmiddag in NRC Handelsblad een achtergrondartikel over de geruststellende boodschap van KNMI. |
