Omroepbazen ontevreden over verdeling subsidie
Hilversum, 8 sept. De directeuren van TROS, KRO en EO hebben kritiek op de verdeling van de rijkssubsidie voor tv-programma’s. VARA, NPS en BNN profiteren het meest van een nieuwe wijze van programmeren die drie jaar geleden werd ingesteld. Hierbij raakten omroepen hun vaste net kwijt en kregen de drie publieke netten elk een eigen profiel.
Volgens niet eerder gepubliceerde cijfers van de Nederlandse Publieke Omroep ontving de VARA vorig jaar bijna 48 miljoen euro van het ministerie van OCW voor het maken van tv-programma’s. Dat is 13 miljoen euro meer dan de TROS die meer leden telt. De VPRO, ook een A-omroep, kreeg 16,5 miljoen euro minder dan de VARA.
Verschillen
„De verschillen zijn onevenredig groot”, zegt Peter Kuipers, directeur van de TROS. Ook KRO-voorzitter Koen Becking is voorstander van „meer balans”.
De publieke omroep ontving in 2008 voor de totale tv-programmering 337 miljoen euro van OCW. De grote ledenomroepen en de NPS kregen elk als basissubsidie 28 miljoen euro, het zogenoemde garantiebudget. Daar bovenop mochten de vier netmanagers 92 miljoen euro verdelen over omroepen die programmavoorstellen indienen. Bijna de helft van dat bedrag (43 miljoen euro) kwam terecht bij VARA, BNN en NPS. Daardoor stegen de tv-budgetten van VARA en BNN met 71 procent van de basissubsidie. Het budget van de NPS steeg met 46 procent. Ter vergelijking: de VPRO steeg met 11 procent.
Identiteit
EO-directeur Arjan Lock vindt dat de netmanagers bij het honoreren van programmavoorstellen te weinig rekening houden met de identiteit van een omroep. „Als je populaire programma’s brengt met aansprekende presentatoren en programmeert voor specifieke minderheden of over kunst dan stromen de miljoenen binnen.” Volgens Gerard Timmer, directeur televisie van de Publieke Omroep, zorgt het nieuwe programmeersysteem voor een betere profilering per zender, meer kijkers en meer drama en documentaires.
