Niets doen is voor kabinet geen optie

Minister Bos op Prinsjesdag 2007.
Door onze redacteur Jeroen Wester

Minister Bos (Financiën, PvdA) presenteerde vorig jaar een zonnige begroting met een overschot van ruim 7 miljard euro, dit jaar regeert somberman. Het kabinet moet uitleggen dat de rekening onderweg is voor een crisis die voor velen non-existent is.

Den Haag, 13 sept. Eerst was het de beurs, daarna het bedrijfsleven en nu is het de rijksbegroting waar de crisis is aanbeland. Er zal minder geld zijn, er zal fors moeten worden bezuinigd en de lasten zullen ook worden verzwaard. Niet nu, maar op termijn.

Want niets doen is geen optie. Het kabinet staat voor een aantal „fundamentele politieke heroverwegingen” om er voor te zorgen dat Nederland, ondanks minder geld, er in 2020 toch goed voor zal staan.

Dat is de centrale boodschap van het kabinet op Prinsjesdag, een boodschap die de afgelopen dagen volledig op straat is komen te liggen ondanks de strikte geheimhouding die dit kabinet, en met name premier Balkenende, zo verlangde. Tegen beter weten in.

Vorig jaar presenteerde minister Bos (Financiën, PvdA) een zonnige begroting met een overschot van ruim 7 miljard euro, dit jaar regeert somberman. Alhoewel de boodschap moeilijk blijft: Nederland heeft de laagste werkloosheid van Europa. De aandelenbeurs is de laatste zes maanden met de helft gestegen, de wereldwijde recessie is dit kwartaal naar verwachting voorbij. Volgens vele indicatoren is de crisis alweer achter de rug, terwijl de meeste burgers daar nauwelijks wat van gemerkt hebben. Sterker, dit jaar stijgt de gemiddelde koopkracht met procenten, volgend jaar gaat iedereen er slechts licht op achteruit.

Maar tegelijkertijd wordt Nederland bovengemiddeld getroffen door de crisis. Het instorten van de wereldhandel en de overlevingsstrijd van banken en verzekeraars doet Nederland meer pijn dan andere landen: met een kleine open economie die op de export en een grote financiële sector leunt. De bedrijfsinvesteringen kelderen in twee jaar met een kwart.

En dat de burger er vrijwel niets van merkt, komt met name doordat de overheid de klappen heeft opgevangen: door banken te redden en de economie te stimuleren. Met als gevolg een staatsschuld die binnen drie jaar met vrijwel de helft toeneemt tot een slordige 380 miljard euro.

Om een bekend misverstand weg te nemen: de steun aan banken is niet de hoofdoorzaak van de snel groeiende staatsschuld. Meer dan de helft van de toename van de staatsschuld wordt veroorzaakt door het oplopende tekort op de begroting. In 2009 en 2010 geeft de overheid naar verwachting ruim 60 miljard euro meer uit dan zij ontvangt. Dat telt allemaal op bij de schuld door de keuze om de begroting niet mee te laten krimpen met de economie, maar de uitgaven op het niveau te houden alsof de economie volgens het scenario van het regeerakkoord lustig doorgroeit.

Het duurt na een financiële crisis gemiddeld vijf jaar voordat de werkloosheid vanuit een dieptepunt een hoogtepunt bereikt, blijkt uit onderzoek. De crisis werkt ook met vertraging in de overheidsfinanciën door: meer uitgaven en minder belastinginkomsten. Mensen die hun baan verliezen, voelen de crisis direct aan den lijve. Maar gemiddeld genomen volgt de pijn voor de burgers pas als het gat dat de crisis in de overheidsfinanciën heeft geslagen, wordt aangepakt. En dat moet nog gebeuren. Het kabinet moet dus uitleggen dat de rekening onderweg is voor een crisis die voor velen non-existent is – deels als gevolg van hetzelfde kabinetsbeleid.

Lees maandagmiddag in NRC Handelsblad een uitgebreide analyse.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Binnenland
Economie
Prinsjedag
Nieuwsbrief
Prinsjesdag2009