Gemeente: Heineken-losgeld niet op Wallen geïnvesteerd
Amsterdam, 4 nov. De stelling dat het nooit gevonden losgeld van de Heinekenontvoering is geïnvesteerd op de Amsterdamse Wallen, is voor de tweede keer dit jaar ontkracht.
Jan Otten, eigenaar en exploitant van sekstheaters de Casa Rosso en de Bananenbar, heeft met succes de beslissing van de gemeente Amsterdam aangevochten om hem een exploitatievergunning te weigeren.
Gerechtshof
Eerder dit jaar oordeelde het Amsterdamse gerechtshof in de zaak van Marcel Kaatee, een van de medeverdachten van Willem Holleeder, dat er geen bewijs is gevonden voor de stelling dat de Wallenpanden met crimineel geld zijn aangekocht.
Bibob
Daarbij gaat de gemeente in tegen het advies van het landelijk bureau Bibob. Dat kwam op basis van verschillende strafdossiers tot de conclusie dat niet kon worden uitgesloten dat Otten bij witwassen betrokken is geweest. Overigens loopt er op dit moment nog steeds een justitieel onderzoek naar het witwassen van de nooit gevonden Heinekengelden. Dat richt zich op de erven van Cor van Hout en een aantal zakenpartners van de in 2003 doodgeschoten Heinekenontvoerder.
Sinds de vrijlating van de Heinekenontvoerders Willem Holleeder en Cor van Hout in 1992 gaan er geruchten dat zij de 8 miljoen gulden (3,6 miljoen euro) nooit gevonden losgeld zouden hebben geïnvesteerd op de Wallen en in een prostitutiegebied in Alkmaar. De firma Heineken besloot in 1993 om te stoppen met de leverantie van bier aan de Casa Rosso. Overigens wordt daar inmiddels weer gewoon Heineken getapt.
