Geen student in bestuur van universiteiten
Den Haag, 27 jan. Er komt voorlopig geen student-lid in het college van bestuur van de universiteiten. Minister Plasterk (Onderwijs, PvdA) kwam gisteren tijdens de behandeling van de wet Versterking besturing hoger onderwijs tegemoet aan kritiek van de Eerste Kamer op het voorstel het universiteitsbestuur uit te breiden met een zogenoemde student-assessor.
De aanstelling van een student-bestuurslid was opgenomen in de wet op verzoek van de Tweede Kamer, die daarover een amendement van Boris van der Ham (D66) had ondersteund. Plasterk had indertijd goedkeuring van het amendement ontraden en deed gisteren in de Senaat geen moeite het te verdedigen.
De student-assessor moest volgens de Tweede Kamer functioneren als schakel tussen het bestuur van de universiteit en de medezeggenschapsorganen. Van der Ham stelde dat de assessor het probleem oplost „van onwetende medezeggenschap die weinig weet en veel gelooft”.
In de Senaat was gisteren echter sprake van brede weerstand tegen de deelname van studenten aan het universiteitsbestuur, ook bij partijen die in de Tweede Kamer voor het amendement hadden gestemd.
De VVD-fractie merkte op dat op dit moment bij de Universiteit Groningen al een student-assessor aanzit bij de vergadering van het college van bestuur en dat dit een averechts effect lijkt te hebben. Veel zaken, aldus de VVD, worden in Groningen buiten de collegevergaderingen om geregeld.
Plasterk zei in zijn reactie dat hij het wetsonderdeel over de student-assessor niet in werking zou laten treden en er opnieuw over in gesprek zou gaan met de Tweede Kamer. Deze snelle toezegging kwam hem op kritiek te staan van D66-senator Schouw, die stelde dat hij in zijn tijd in de Eerste Kamer nog nooit had meegemaakt dat een minister een aangenomen amendement „niet loyaal verdedigde”.
Boris van der Ham zegt desgevraagd teleurgesteld te zijn over de „regentenmentaliteit” van minister Plasterk. „D66 en studentenbonden hebben aangeboden mee te denken over een formulering waarmee hij beter kon leven, maar zijn reactie daarop was kribbig. We zullen het gesprek straks opnieuw met hem aangaan.”
