Advies: meer aandacht voor ‘normaal’ kind

Vooral op het vmbo en het middelbaar beroepsonderwijs is nauwelijks sprake van een band tussen school en ouders.

Door een onzer redacteuren

Rotterdam, 17 febr. Scholen moeten zich meer richten op ouders van kinderen met wie „niks aan de hand is” en niet al hun aandacht steken in de ouders van probleemleerlingen.

Dat schrijft de Onderwijsraad in het vandaag gepubliceerde advies Ouders als partners. De raad is een onafhankelijk adviescollege voor kabinet en parlement.

De Tweede Kamer had de raad in 2008 gevraagd om te onderzoeken hoe de betrokkenheid van ouders bij scholen kon worden vergroot. De hoop is dat uit meer ouderparticipatie betere schoolresultaten zullen voortvloeien.

Lees in NRC Handelsblad van vandaag, 17 februari, het achtergrondartikel 'De beroepsouder is verdwenen' (pag. 3).

Voor (web)abonnees is het artikel vanaf 15.00 uur beschikbaar in de digitale editie.

De raad concludeert in zijn rapport dat er vooral op het vmbo en middelbaar beroepsonderwijs van een band tussen ouders en de school nauwelijks sprake is. De raad spreekt hier over een door het beleid „vergeten groep”.

In het basisonderwijs is er over het algemeen wel sprake van directe betrokkenheid van ouders bij de school. Daarbij maakt de raad wel de kanttekening dat de ouders van zwakke en hoogbegaafde kinderen het merendeel van de aandacht voor zich opeisen. „Waarom zijn er zoveel ADHD’ers in de klas van mijn kind?”, noteert de raad een klacht van een ouder van een kind zonder bijzondere problemen.

Ouders die mondig zijn ten opzichte van de school, kiezen bij onvrede steeds vaker voor de juridische weg om een conflict op te lossen. De toename van juridische procedures vindt de raad ongewenst, die dan ook adviseert geen nieuwe beroepsinstanties in het leven te roepen om „een verdere juridisering” tegen te gaan.

Overheid en scholen moeten vooral investeren in het verbeteren van de informele relatie tussen school en ouders en de band tussen ouders onderling. Vaste en voorspelbare ouder-oudercontacten versterken, aldus de raad, „de verbindingen rond een klas, groep, jaar of school, en kunnen ervoor zorgen dat minder opvoedvraagstukken en incidenten in de klas of leergroep terechtkomen”.

Gepubliceerd in:
Binnenland