Tjeenk Willink: hervorming bestuur mist politieke visie
Den Haag, 14 april. De voorstellen tot herinrichting van het openbaar bestuur ontberen een politieke visie. Dat zei vicepresident Herman Tjeenk Willink van de Raad van State vanochtend bij de presentatie van zijn jaarverslag.
Ingrijpende maatregelen in het openbaar bestuur, zoals het samenvoegen van Haagse ministeries, het afschaffen van waterschappen en provincies en het terugbrengen van het aantal leden van de Eerste en Tweede Kamer, komen in diverse verkiezingsprogramma’s terug.
Fundamentele discussie
Volgens Tjeenk Willink liggen er geen samenhangende politieke visies, anders dan bezuinigingen, aan ten grondslag. „Financiën is niet het enige dat telt. Het is even wennen, dat geef ik toe. Maar laten we nu eerst eens een fundamentele discussie te voeren over de functies van deze instituties. Waarvoor zijn de provincies opgericht? Wat zijn de redenen geweest om het aantal Kamerleden uit te breiden? Gelden die redenen nog? Dat zijn legitieme vragen waarop ik eerst het antwoord zou willen weten.”
De vicepresident is van mening dat de structuren niet voor problemen zorgen. Het om pragmatische redenen samenvoegen van departementen zal de problemen in politiek en bestuur niet oplossen, zegt hij. Hij waarschuwt voor een toename van de bureaucratie en de macht van de ambtenaren.
De financieel-economische crisis biedt juist de kans om een politiek inhoudelijk debat te voeren over waar het met Nederland maatschappelijk, cultureel en economisch heen moet de komende tien jaar, zei Tjeenk Willink vanochtend. Zijn diagnose van het functioneren van het openbaar bestuur is dat ‘het politieke’ is verbestuurlijkt en het bestuur – in zijn denken – is vermarkt. Deze „ingesleten patronen” van marktlogica in het openbaar bestuur moeten worden doorbroken, vindt hij. Het marktdenken komt ook terug in de ideeën over het samenvoegen van ministeries. „Niemand pleit voor kleinere departementen.”
Verstoord evenwicht
Al jaren waarschuwt Tjeenk Willink dat het evenwicht in de verhouding tussen staat, markt en burger verstoord is. Volgens hem hadden discussies hierover al veel eerder, na de ontzuiling, moeten plaatsvinden. „Dat is niet gebeurd. Integendeel, het politieke, de visies van politieke partijen op de maatschappij en de rol van de overheid daarin, verbleekten.”
De Raad van State is het belangrijkste adviesorgaan van de regering. Formeel is de koningin de voorzitter, maar in de praktijk heeft de vicepresident de leiding.
