Scholier heeft weinig met politiek, media en migranten
Rotterdam, 29 juni. Nederlandse scholieren scoren slecht op het gebied van burgerschap in vergelijking met hun Europese leeftijdsgenoten. Zo hebben ze minder kennis van het politiek systeem en staan ze zeer afwijzend ten opzichte van gelijke rechten voor migranten.
Dat blijkt uit de vandaag gepubliceerde International Civics and Citizenship Education Study, waarvoor 140.000 middelbare scholieren uit veertig landen onderzocht zijn op hun ‘burgerschapscompetenties’.
„Actief burgerschap”
Het Nederlandse parlement besloot in 2006 dat scholen in het voortgezet onderwijs aandacht moeten besteden aan „actief burgerschap en sociale integratie”, omdat normen en waarden die vroeger vanzelfsprekend waren dat nu niet meer zijn als gevolg van de individualisering van de maatschappij en immigratie. Het vandaag gepubliceerde onderzoek bevestigt eerdere bevindingen van de Inspectie van het onderwijs dat het met burgerschapseducatie op Nederlandse scholen nog niet goed gaat.
Voor (web)abonnees is het artikel vanaf 15.00 uur beschikbaar in de digitale
editie.
De gebrekkige kennis leidt tot minder interesse voor de politiek, maar niet tot een negatief oordeel over het politiek systeem. Van de Nederlandse leerlingen vertrouwt 70 procent de landelijke overheid, tegenover 61 procent voor alle onderzochte landen. Politieke partijen genieten het vertrouwen van 53 procent van de Nederlandse scholieren. Dat is iets boven het internationale gemiddelde. Van alle maatschappelijke instituten genieten de media het minste vertrouwen bij Nederlandse jongeren: slechts 48 procent vertrouwt kranten, radio, tv en internet.
Tolerantie minderheden
Op het gebeid van tolerantie ten opzichte van minderheden scoort Nederland in Europa samen met Vlaanderen het slechtst. Nergens anders werd zo vaak negatief gereageerd op stellingen als ‘de kinderen van immigranten zouden dezelfde mogelijkheden moeten hebben om onderwijs te volgen als andere kinderen in het land’ en ‘immigranten die al enkele jaren in een land wonen zouden de mogelijkheid moeten hebben om te stemmen bij verkiezingen’.
