VS gaan studie stamcellen embryo weer financieren

President Obama bij het Witte Huis.
Door onze redacteur Hester van Santen

De regering-Bush gaf nauwelijks overheidsgeld voor studies met stamcellen uit menselijke embryo’s. President Obama heeft dat besluit vandaag teruggedraaid.

Rotterdam, 9 maart. Stamcelonderzoekers in de Verenigde Staten krijgen geld terug dat hen in 2001 door oud-president Bush is ontnomen. President Barack Obama heeft vandaag het verbod op federale financiering voor onderzoek met menselijke embryonale stamcellen opgeheven.

Hoge ambtenaren uit de regering-Obama maakten het verruimen van stamencelonderzoek gisteren aan journalisten bekend. „Dit zal een enorme impuls geven aan het stamcelonderzoek in de VS en de rest van de wereld”, denkt de Brits-Nederlandse stamcelspecialist prof. Christine Mummery. Obama lost met zijn besluit een belofte in die hij tijdens zijn verkiezingscampagne maakte.

De federale overheid is in de Verenigde Staten een belangrijke financier van medisch-wetenschappelijk onderzoek. Voor onderzoek met embryonale stamcellen waren wetenschappers echter grotendeels aangewezen op andere geldbronnen. Mummery, hoogleraar aan het Leids Universitair Medisch Centrum: „Ik denk dat de vooruitgang anders veel sneller was gegaan.”

Met menselijke embryonale stamcellen zijn in potentie aandoeningen te genezen waarbij bepaalde cellen kapot zijn: de ziekte van Parkinson of suikerziekte bijvoorbeeld. De eerste therapie op basis van embryonale stamcellen, voor dwarslaesies, wordt de komende zomer bij patiënten getest.

De bron van de stamcellen is echter omstreden. Ze zijn alleen te winnen uit jonge menselijke embryo’s. George W. Bush vond dat bezwaar zo groot, dat hij bijna geen federaal geld voor onderzoek met zulke cellen wilde uittrekken. Zelfs sprak hij in 2006 en 2007 veto’s uit om ruimere wetgeving te blokkeren.

Alleen ‘stamcellijnen’ (kweken, die afstammen van één embryo) die in augustus 2001 al bestonden, kwamen nog voor subsidie in aanmerking. Er zijn 21 ‘presidentiële lijnen’ beschikbaar, terwijl wereldwijd nog honderden andere embryonale stamcellijnen bestaan. Voor werk aan die andere lijnen waren stamcelonderzoekers aangewezen op particuliere geldschieters, en op een klein aantal staten dat sindsdien besloot wél belastinggeld beschikbaar te stellen. Californië en Massachusetts deden dat bijvoorbeeld.

Veel wetenschappers verhuisden naar nieuwe, niet-federale instituten zoals het Harvard Stem Cell Institute of het California Institute for Regenerative Medicine. Universiteiten richtten twee gescheiden stamcellabs in, waarvan één voor niet-presidentiële lijnen. Twee sets microscopen en reageerbuizen, twee boekhoudingen. Mummery: „Ik was eens in een lab met een stippellijn op de vloer, waar je met je presidentiële lijnen niet overheen mocht.”

Die regels beperkten het onderzoek. Veel ‘presidentiële’ stamcellijnen hebben vanwege hun ouderdom ongewenste eigenschappen, en de nieuwe subsidiebronnen en instituten kwamen pas na enige jaren van de grond. Obama’s besluit maakt veel meer stamcellen beschikbaar voor meer onderzoekers. Ze mogen alleen nog niet met federaal geld zélf stamcellen uit menselijke embryo’s isoleren.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Buitenland
Internationaal