Regering Tsjechië moet aftreden
Praag, 24 maart. De centrum-rechtse minderheidsregering van de Tsjechische premier Mirek Topolánek moet aftreden nadat vandaag een vertrouwensstemming in het parlement nipt werd verloren
101 van de 200 parlementsleden stemden tegen de regering omdat die onvoldoende daadkracht zou tonen in het aanpakken van de economische crisis. Na IJsland, België, Letland en Hongarije is Tsjechië het vierde land in Europa waar de regering ontslag moet nemen sinds de economische crisis.
Sinds zijn aantreden begin 2007, na moeizame coalitieonderhandelingen, overleefde Topolánek eerder vier vertrouwensstemmingen. Zijn gedwongen aftreden nu komt op een vervelend moment. Tsjechië is als eerste land uit het voormalige Oostblok voorzitter van de Europese Unie en over enkele dagen komt de Amerikaanse president Barack Obama naar Praag voor gesprekken met Tsjechische en Europese leiders.
Topolánek zei na de stemming bereid te zijn onmiddellijk af te treden. Maar de leider van de sociaal-democratische oppositie, voormalig premier Jiri Paroubek, zei nog voor de stemming dat Topolánek verder kan regeren met een demissionair kabinet tot het einde van het roulerende EU-voorzitterschap eind juni. Dan neemt Zweden de rol van EU-voorzitter over. Paroubek dringt niet aan op snellere verkiezingen omdat zijn sociaal-democraten het in de peilingen minder goed doen dan de Civiele Democraten van Topolánek.
De Europese Commissie in Brussel zei gisteravond optimistisch te blijven over het Tsjechisch voorzitterschap. „De binnenlandse problemen moeten volgens de Tsjechische wet worden opgelost. Wij zijn ervan overtuigd dat de regering er alles aan zal doen om het voorzitterschap verder efficiënt te blijven uitoefenen.”
