Obama verlicht sancties tegen Cuba

Reisbureau Marazul Charters in Miami, met Cubaanse foto’s aan de muur. Agente Marizela Somosa (midden) verkoopt Omar García en Giselle Bordin een ticket naar Cuba.
Door een onzer redacteuren

De regering-Obama draaide gisteren enkele sancties tegen Cuba terug. Het handelsembargo blijft echter bestaan.

Rotterdam, 14 april. Met de afschaffing van enkele sancties tegen Cuba, die het Witte Huis gisteren bekendmaakte, rekent president Obama opnieuw af met een omstreden beleidspunt van zijn voorganger Bush. Amerikanen van Cubaanse komaf mogen voortaan zo vaak als ze willen hun familie op het socialistische eiland opzoeken. Ook kunnen ze nu onbeperkt dollars sturen en is de inhoud van cadeaupakketjes niet meer aan strenge regels gebonden.

De familiebezoeken en dollarzendingen werden in 2004 ingeperkt op advies van de door Bush benoemde ‘Commissie voor Hulp aan een Vrij Cuba’. Deze had geconcludeerd dat veel dollars via de staatwinkels en de door het leger bestierde toerismesector terugvloeiden in de staatskas. Zo vormden ze een „aanzienlijke financiële meevaller voor het regime”. „Moeten we toestaan dat dit geld in de schatkist blijft belanden van dit regime [...]omdat we mensen het recht niet willen ontnemen hun tante te bezoeken?”, stelde de toenmalige onderminister van Buitenlandse Zaken, Roger Noriega.

Maar zelfs vele Cubaanse Amerikanen, doorgaans kritisch over het regime in Havana, vonden de sancties te streng. De regel dat maar één keer per drie jaar naar Cuba gereisd kon worden, was het meest impopulair. Plannen van een bezoek aan een ernstig ziek of hoogbejaard familielid stelde hen voor „ondraaglijke” keuzes, rapporteerde Human Rights Watch in 2005.

Volgens Obama is het nuttiger het contact tussen beide gemeenschappen uit te breiden. „Er zijn geen betere ambassadeurs voor de democratie dan Cubaanse Amerikanen”, stelde zijn woordvoerder.

Die motivatie zal het regime in Havana niet delen. Dat vindt de geldzendingen vooral welkom omdat ze onvrede onder de bevolking wegnemen. Een bekende grap in Cuba luidt dat er je alleen overleeft met F.E.. Waarmee niet het geloof (fe) wordt bedoeld, maar Familia en el Extranjero (familie in het buitenland).

Ook het toerisme is al jaren cruciaal voor de economie en daarmee voor het overleven van het regime. Het werd omarmd na het wegvallen van steun uit Moskou. Samen met de nikkelexport is het de belangrijkste bron van buitenlandse deviezen. Vorig jaar leverde de komst van 2,3 miljoen toeristen – vooral Canadezen en Europeanen – 2,5 miljard dollar op.

Volgens de officiële statistieken komen er nu jaarlijks maar enkele tienduizenden bezoekers uit de VS, al is dit cijfer onbetrouwbaar omdat veel Amerikanen wegens het embargo stiekem via Mexico of Canada reizen. Volgens een studie van het IMF zouden zonder het bijna vijf decennia oude handelsembargo jaarlijks tot wel 3,5 miljoen Amerikanen naar Cuba willen. Zo’n vraag zou het eiland nu niet aankunnen. Maar er wordt zwaar geïnvesteerd in meer luxe hotelkamers en de aanleg van golfbanen en jachthavens.

Alleen het Congres kan het embargo opgeheffen. Daar verzet de invloedrijke anti-Castro-lobby zich fel. Obama staat onder druk van de regio deze lobby te trotseren. Zolang hij die strijd niet aan wil, kan hij het embargo in plaats van op te heffen, wel langzaam uitkleden, zoals gisteren.

Gepubliceerd in:
Buitenland
Cuba na Fidel