Tamil Tijgers leggen wapens neer
Colombo, 18 mei. Na 26 jaar burgeroorlog hebben de Sri Lankaanse Tamil Tijgers (LTTE) gisteren besloten ,,hun wapens te laten zwijgen'' om de burgers in het conflictgebied te ontzien. Dat liet het hoofd internationale relaties binnen de LTTE, Selvarasa Pathmanathan, vandaag weten.
Volgens het kopstuk bevindt de sinds 1972 ondergedoken rebellenleider Velupillai Prabhakaran zich nog in het door het leger omsingelde gebied, samen met tweeduizend andere strijders. Prabhakaran wil volgens het kopstuk een vredesproces beginnen. Pathmanathan benadrukt echter dat de Tijgers er niet over peinzen zich over te geven: ,,We leggen de wapens neer, we geven niet op.''
Het leger legde de wapens niet neer. Sri Lankaanse troepen trokken gisteren het laatste stuk jungle binnen dat nog in handen is van de onafhankelijkheidsstrijders. Het leger wil volgens een legerwoordvoerder de rebellen ,,elke centimeter land'' ontnemen. Het gebied van de Tamil Tijgers zou nog ongeveer 1 vierkante kilometer beslaan.
De Tamil Tijgers hebben sinds de jaren zeventig gevochten voor een eigen staat voor de voornamelijk hindoeïstische Tamils in het noorden en oosten van Sri Lanka. Twee jaar geleden hadden zij nog bijna een derde van het overwegend boeddhistische eiland in handen en runden ze een feitelijk autonoom gebied met eigen scholen, rechtbanken en een overheidsapparaat. De bittere strijd voor een eigen land kostte in totaal aan 70.000 mensen het leven.
Maar de regering van president Mahinda Rajapakse lanceerde een offensief dat de Tijgers eerst uit het oosten verjoeg en daarna uit het noorden, tot de overgebleven guerrillastrijders gevangen zaten in een steeds kleiner wordende kuststrook in het noordoosten. Maandenlang zaten tienduizenden burgers vast in het gebied; de Tamils zouden ze niet laten gaan om ze te kunnen gebruiken als menselijk schild.
Volgens de Verenigde Naties kostte de militaire operatie duizenden onschuldige mensen het leven. Het Internationale Rode Kruis beschreef de situatie in het conflictgebied als ,,een onvoorstelbare humanitaire catastrofe''.
Inwoners van Sri Lanka begroetten president Rajapakse vandaag echter met vlaggen en vuurwerk toen hij terugkwam van een staatsbezoek aan Jordanië. Daar maakte hij gisteren al bekend dat zijn troepen de opstandelingen hadden verslagen. Naar verwachting maakt hij dinsdag tijdens een parlementszitting bekend dat de oorlog voorbij is.
Het staatshoofd heeft internationaal scherpe kritiek te verduren voor de door het offensief omgekomen burgers en het opsluiten van honderdduizenden gevluchte Tamils in door de staat gerunde kampen. De VN eisen een onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden.
Groot-Brittannië, de voormalige koloniale machthebber in Sri Lanka, riep de president op de oorzaken van het conflict aan te pakken. Er moet een politiek systeem komen waarin de rechten van alle gemeenschappen worden gerespecteerd, inclusief die van de Tamils, zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken David Miliband tegen de BBC.
