Russische melkboycot Wit-Rusland ten einde
Moskou/Minsk, 18 juni. De ruzie tussen Rusland en Wit-Rusland over een importverbod op Wit-Russische melkproducten is beëindigd, maar Moskou heeft voor nieuwe spanningen tussen de twee landen gezorgd door te eisen dat Minsk achterstallige betalingen voor gas per direct voldoet.
Rusland hief het importverbod, dat het vorige week instelde, gisteren op maar gaf meteen daarna te kennen dat Wit-Rusland nog 230 miljoen dollar voor gas moet betalen. De opheffing van het verbod volgde nadat Wit-Rusland had afgezien van verscherpte douanecontrolemaatregelen langs de grens met Rusland. Die waren een dag eerder ingesteld.
Door de Russische banvloek over 1.200 soorten melkproducten uit Wit-Rusland belandden de betrekkingen tussen Moskou en Minsk in een nieuwe crisis. Volgens de Wit-Russische president Loekasjenko was de boycot een wraakactie omdat zijn land de onafhankelijkheid van Zuid-Ossetië en Abchazië weigert te erkennen.
Het Kremlin ontkende echter dat de boycot was ingegeven door politieke motieven. De maatregel zou slechts te maken hebben met het feit dat de Wit-Russische producten niet voldoen aan nieuwe verpakkingseisen.
Uit protest bleef Loekasjenko weg bij de ondertekeningsceremonie van een militaire snelle-interventiemacht, waaraan behalve de Russische president Medvedev ook de presidenten van Armenië, Kazachstan, Kirgizië en Tadzjikistan deelnamen. Tijdens een persconferentie uitte Medvedev zijn verontwaardiging, vooral over het feit dat Loekasjenko niet zelf had afgebeld.
De sleetse relatie tussen de twee landen valt vooral te danken aan Vladimir Poetin, die sinds hij aan de macht kwam voortdurend Wit-Rusland zijn wil probeert op te leggen. Tot ergernis van de Wit-Russische president Loekasjenko, die vreesde dat zijn land in een Russische provincie zou veranderen. De weigering van Minsk om na de Georgië-oorlog de onafhankelijkheid van Abchazië en Zuid-Ossetië te erkennen, heeft de relatie evenmin goed gedaan.
