Zelfs bang om homovlag uit te steken

President Grybauskaite is niet blij met de wet.
Door onze correspondent Stéphane Alonso

Mede onder druk van de kerk wordt de jeugd in Litouwen binnenkort bij wet beschermd tegen homoseksualiteit. De EU is verbaasd over de regressie.

Vilnius, 26 juli. Het kantoor van de Litouwse Homoliga (LGL) zit goed verstopt in een achterafsteeg van Vilnius. „Dat is maar goed ook”, zegt Eduardas Platovas, somber naar buiten starend. „In het huidige klimaat durf ik zelfs de homovlag niet uit te steken.”

Als het aan het parlement van Litouwen ligt, mag Platovas dat straks ook formeel niet meer. Recentelijk nam het parlement met een ruime meerderheid een wet aan die publieke „agitatie voor homoseksuele relaties” verbiedt.

Platovas: „We moeten koest in onze clubs blijven zitten.”

De wet, die in 2010 in werking treedt, wekt alom verbazing. Volgens mensenrechtenorganisaties is de wet een uitnodiging voor geweld tegen homoseksuelen. Tientallen Europarlementariërs laken het initiatief. En ook de nieuwe Litouwse president, Dalia Grybauskaite, baalt omdat het haar land grote imagoschade bezorgt. „Deze wet moet zo snel mogelijk worden gecorrigeerd”, zei ze deze week tegen bezorgde EU-ambassadeurs.

Platovas is ook bezorgd. Maar hij is niet verbaasd. Sinds het aantreden, eind vorig jaar, van een christen-democratische regering is het leven voor homo’s in het overwegend katholieke Litouwen een stuk moeilijker geworden, zegt hij. Daarvoor werd het land geleid door sociaal-democraten. Die luisterden af en toe nog naar de Homoliga. „Maar deze regering luistert alleen naar de katholieke kerk. Wij staan buitenspel.”

Kinderziel

Op Gedimino, de Champs-Elysées van Vilnius, stoeien hippe tieners in de stralende zon. Er wordt aan rugzakken getrokken, gerend en gelachen. De nieuwe wet moet vooral hen beschermen. Want de Litouwse kinderziel, zo meent het parlement, is in gevaar.

Niet alleen de verheerlijking van homoseksualiteit wordt als een bedreiging gezien. De wet bevat een lange lijst aan „publieke informatie met nadelige effecten voor de ontwikkeling van minderjarigen”, onder meer gewelddadige of seksueel getinte informatie, boeken over explosieven, reclames die slechte eetgewoontes en hygiëne propageren en folders waarin de loftrompet wordt gestoken over hypnose en paranormale verschijnselen.

In een eerdere wetstekst wilde de rechtse politicus Petras Grazulis, een van de initiatiefnemers, ook necrofilie en seks met dieren opnemen. Dat ging zijn collega’s in het parlement te ver. Niettemin is Grazulis, die niet wilde meewerken aan dit artikel, tevreden over het resultaat. „We hebben eindelijk een stap genomen die Litouwen zal helpen om geestelijk gezonde generaties op te voeden, onaangetast door de rotte cultuur die hen nu overspoelt”, zei hij vorige week tegen persbureau AP.

Marija Prokopcik verbijt zich. „De tekst is uiterst vaag”, zegt de directeur van het Litouwse informatiebureau van de Raad van Europa. „Er staat ook in dat kinderen ‘angstaanjagende’ informatie moet worden onthouden. Wat is dat? De een is bang voor spinnen, de ander niet.”

Prokopcik ziet de wet als een opmaat naar censuur, niet alleen van homo-organisaties, maar ook van reguliere media. Ze windt zich niet alleen op over de inhoud, maar ook over de timing.

Crisis

Litouwen heeft op dit moment wel grotere problemen, zoals de financiële crisis. De economie krimpt dit jaar mogelijk met 18 procent. „Je zou hopen dat onze politici zich verantwoordelijk gedragen en goodwill creëren in het buitenland, geen ergernis”, zegt Prokopcik namens de Raad van Europa. Platovas van de Litouwse Homoliga vermoedt dat de wet vooral moet voorkomen dat er volgend jaar een homoparade wordt gehouden in Vilnius.

In buurlanden Letland en Polen stuitten parades in het verleden ook op heftige reacties, in Riga werden activisten zelfs met uitwerpselen bekogeld. Litouwse homo’s hebben nog nooit eerder een parade georganiseerd. Ze waren lang van mening dat hun land er nog niet aan toe was.

De vraag is of Litouwen dat nu wel is. Kleinere, minder in het oog springende initiatieven van de LGL stuiten al jaren op verzet. Chauffeurs gingen in staking toen ze op hun trolleybussen advertenties van de Homoliga aantroffen. En een ‘anti-discriminatiebus’ van de EU werd tweemaal geweerd uit het centrum van Vilnius.

„Litouwers zijn van zichzelf al homofoob genoeg”, zegt Platovas. „Ze hebben deze wet helemaal niet nodig.” Die homofobie heeft volgens hem niet alleen te maken met het rooms-katholieke geloof, maar ook met het sovjetverleden van het land. In de Sovjet-Unie was homoseksualiteit een ideologisch taboe.

Egidijus Meilus van de Litouwse kinderbescherming werkte mee aan de totstandkoming van de wet. Hij vindt het jammer dat er misverstanden over zijn ontstaan. „De leefomgeving van Litouwse kinderen is niet tragisch”, zegt Meilus. „De wet is preventief.”

Er bestond al zo’n wet. Maar volgens Meilus ging die wet uit 2002 niet ver genoeg. Zo bevat de nieuwe tekst een systeem van symbolen die consumenten moeten waarschuwen voor de inhoud van tv-programma’s of computerspellen. „Die symbolen worden in de praktijk al gebruikt, maar moesten nog bij wet worden geformaliseerd”, zegt de kinderbeschermer.

Niet 'verheerlijken'

De aandacht voor de – eveneens nieuwe – passage over homoseksualiteit vindt hij overdreven. Er staat nergens dat de herenliefde verboden is. Homo’s mogen homo zijn, zegt de kinderbeschermer, maar mogen hun geaardheid niet ‘verheerlijken’. Wat dat precies betekent kan hij niet zeggen. „Dat zal de praktijk moeten uitwijzen. Een speciaal panel van experts zal zich over elke klacht buigen.”

Meilus wijst op artikel 12. Daarin staat dat kinderen moeten worden afgeschermd van informatie of beelden waarin mensen worden bespot of vernederd ‘op grond van ras, nationaliteit, geslacht en geaardheid’. „Homoseksuelen hoeven zich dus nergens zorgen over te maken”, zegt Meilus.

Prokopcik van de Raad van Europa denkt daar anders over. Zij gaat ervan uit dat president Grybauskaite toch nog ingrijpt. Die wilde het document al vetoën, maar dat kon formeel niet, omdat haar voorganger Valdas Adamkus dat al eens gedaan had, eerder dit jaar. Woensdag richtte de president daarom een werkgroep op, die de wet moet gaan veranderen.

Maar Platovas van de LHL is er niet gerust op. De regering heeft de geldkraan voor zijn organisatie dichtgedraaid. „We zijn nu geheel afhankelijk van westerse donoren, zoals Nederland”, zegt de activist. „Over één jaar is het geld op.”

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Buitenland