Veel doden bij zware aanslag in Bagdad
Bagdad, 25 okt. Bij twee zelfmoordaanslagen met zware autobommen in het centrum van de Iraakse hoofdstad Bagdad zijn zondagochtend ten minste 155 mensen om het leven gekomen en meer dan 500 mensen gewond geraakt.
Doelwit waren twee regeringsgebouwen aan de drukke Haifastraat: de Provinciale Raad van Bagdad en het ministerie van Justitie. De ravage is enorm.
Het is de dodelijkste aanslag sinds augustus 2007. Twee maanden geleden werd er een vergelijkbare aanslag gepleegd op de ministeries van Financiën en Buitenlandse Zaken in Bagdad. Daarbij kwamen 122 mensen om het leven, onder wie veel medewerkers van de ministeries.
Veiligheidsmuren verwijderd
Het hoge dodental werd destijds mede toegeschreven aan het feit dat de veiligheidsmuren bij de ministeries waren verwijderd. Dat lijkt ook nu te hebben meegespeeld. De veiligheidsmuren bij de getroffen regeringsgebouwen zijn eveneens recentelijk weggehaald. De gevels van de gebouwen zijn zwaar beschadigd en veel auto’s staan volledig uitgebrand op straat.
De Iraakse regering hield buitenlandse terroristen verantwoordelijk voor de aanslagen in augustus en beschuldigde Syrië van betrokkenheid. De Iraakse premier Nouri al-Maliki beschuldigde vandaag Al-Qaeda en aanhangers van de voormalige president Saddam Hussein.
„Deze laffe terreuraanslagen moeten niet de vastberadenheid van het Iraakse volk aantasten in zijn strijd tegen de overblijfselen van het ontmantelde regime en tegen terroristen van Al-Qaeda, die een wrede misdaad tegen burgers hebben gepleegd”, zei Maliki. „Ze willen chaos veroorzaken in ons land, het politieke proces verhinderen en de parlementsverkiezingen voorkomen.” De verkiezingen zijn gepland voor 16 januari.
Geweld neemt toe
Sinds het Amerikaanse leger zich heeft teruggetrokken uit de Iraakse steden in juni, is het geweld weer toegenomen. Het doel van het geweld lijkt om Irak te destabiliseren en om te laten zien dat de regering de controle kwijt is.
Deze visie wint aan kracht met de verkiezingen in aantocht. Als het geweld toeneemt, kunnen de regeringspartijen immers niet claimen dat ze rust en orde hebben gebracht in Irak.
Sommige analisten speculeren dan ook dat niet Al-Qaeda, maar politieke spelers achter de huidige geweldsgolf zitten. Een van hen is Joost Hiltermann, Irak-specialist van de International Crisis Group.
In een interview met de Council of Foreign Relations voorspelde hij dat er in aanloop naar de verkiezingen, die gepland zijn voor 16 januari, geweldsuitbarstingen zouden zijn.
„Alle rivalen van premier Nouri al-Maliki – en hij heeft er een hoop – hebben er belang bij om zijn imago als de man die rust en orde heeft gebracht, te beschadigen”, aldus Hiltermann. Hij zei dat minder prominente partijen en politici daarbij geweld kunnen gebruiken. Namen noemde hij niet.
Enkele omstanders, die de aanslag overleefden, gaven eveneens politici en veiligheidsdiensten de schuld van het geweld. Mohammed al-Rubaiey, lid van de Provinciale Raad van Bagdad, zei: „Dit is een politieke strijd. Iedere politicus is verantwoordelijk en de regering is verantwoordelijk, net als de leiders van de veiligheidsdiensten.”
Ambulancechauffeur Adil Sami zei tegen persbureau AFP: „We willen het parlement niet meer. Laat ze ons met rust laten, we kunnen in vrede leven en onze problemen zelf oplossen.”
