Humanitaire ramp dreigt in Haïti
Port-au-Prince, 14 jan. In Haïti, het armste land van het westelijk halfrond, dreigt zich na de aardbeving een van de grootste humanitaire rampen van de afgelopen jaren te ontvouwen. Volgens premier Jean-Max Bellerive zijn er ten minste 100.000 doden gevallen.
Het is echter niet duidelijk hoe betrouwbaar die inschatting is. Communicatie met het rampgebied wordt bemoeilijkt doordat de telefoonverbindingen zijn verbroken, waardoor het onmogelijk vast te stellen is hoe hoog het dodental is.
Vaststaat dat het slachtoffertal zeer hoog zal zijn. Het Rode Kruis meldt dat 3 van de 9 miljoen inwoners noodhulp nodig hebben. Haïti is er zelf totaal niet op berekend om een ramp van dergelijke schaal op te vangen. President René Preval zei eerder vandaag al te vrezen voor tienduizenden doden. Bij de tsunami die Azië in 2004 trof, vielen meer dan 200.000 doden. Dat was de grootste natuurramp die de wereld in jaren had gezien.
De aardbeving die Haïti dinsdagmiddag rond vijf uur (lokale tijd) trof, had een kracht van 7,0 op de schaal van Richter. Daarmee zou het volgens de US Geological Survey de zwaarste beving zijn in Haïti in meer dan honderd jaar. Het epicentrum bevond zich zo’n vijftien kilometer ten zuidwesten van de drukbevolkte hoofdstad (2 miljoen inwoners) Port-au-Prince, waardoor de schade daar enorm was. President Preval noemde de ravage „onvoorstelbaar”.
Onder de ingestorte gebouwen bevonden zich onder meer scholen, ziekenhuizen, het hoofdkantoor van de VN, (die sinds 2004 in het land zijn) en het presidentsgebouw. Kort na de beving werden Haïtianen opgeschrikt door twee naschokken van 5,9 en 5,5 op de schaal van Richter. Ooggetuigen melden dat lijken op straat werden opgestapeld.

Reddingsacties
Vanuit de hele wereld zijn reddingsacties opgezet. Onder meer China, Venezuela, Groot-Brittannië, Frankrijk en de VS sturen reddingsteams die in de loop van gisteravond/vannacht zouden arriveren. Nederland heeft Haïti twee miljoen euro hulpgeld toegezegd. Vanaf vliegveld Eindhoven vertrekt vanavond een toestel met hulpwerkers en journalisten naar het gebied. Vooralsnog verloopt de hulp moeizaam. Het Rode Kruis meldde gisteravond dat het inmiddels door zijn medische hulpgoederen heen is en er dringen nieuwe voorraden geleverd moeten worden.
De Amerikaanse president Obama beloofde Haïti vanuit Washington gisteravond „onvoorwaardelijke steun”. Hij sprak van een wrede en onvoorstelbare ramp”. Hij gaf opdracht tot een omvangrijke Amerikaanse reddingsactie.
VN-secretaris-generaal Ban Ki- moon deed gisteren tijdens een persconferentie een dringende oproep bij de internationale gemeenschap om Haïti te steunen. Een grootschalige internationale hulpactie is volgens hem nodig. Hij zei dat de VN onmiddellijk 10 miljoen dollar hulpgeld beschikbaar zouden stellen. Verder zei Ban zo snel mogelijk naar Haïti te willen reizen.
Nederlanders
Volgens de meest recente cijfers van het ministerie van Buitenlandse Zaken, wonen er twintig Nederlanders in Haïti en zijn er achttien Nederlanders op dit moment op reis in het land, meldt een woordvoerder van Buitenlandse Zaken tegen de Volkskrant. Het is nog onduidelijk of er ook doden onder Nederlanders zijn gevallen.
De Samenwerkende Hulporganisaties (SHO) hebben giro 555 geopend om geld in te zamelen voor de slachtoffers van de verwoestende aardbeving in Haïti.
In 2004 kwamen ongeveer 2.500 inwoners om door orkaan Jeanne. In 2008 werd het
land getroffen door vier orkanen binnen een maand, waardoor 800 doden
vielen. Haïti werkt nog aan het herstel van die rampen.
President René Préval riep destijds de wereld op tot een
langetermijnoplossing voor zijn land, omdat „rituele” liefdadigheid geen
echte verbetering zou brengen: „Zodra deze eerste golf van humanitair
medeleven voorbij is, zullen we, zoals altijd, alleen gelaten worden om
nieuwe rampen het hoofd te bieden”, zei hij toen.
