Sleutelmomenten in de wapenbeheersing

Veiligheidsadviseur Zbigniew Brzezinski.
Door een onzer redacteuren

De Amerikaanse president Obama en zijn Russische ambtgenoot Medvedev hebben een nieuw verdrag getekend voor de vermindering van strategische kernwapens. Ook tijdens de Koude Oorlog domineerde wapenbeheersing jarenlang het politieke toneel.

Alleen voor (web-)abonnees Lees een achtergrondartikel over het nieuwe verdrag in de digitale editie van 7 april 2010.

Rotterdam, 8 april. Twee keer is in de geschiedenis een atoombom gebruikt. Al vrij snel na de aanvallen op Hiroshima (meer dan 150.000 doden) en Nagasaki (75.000 doden) in 1945 zijn er pogingen ondernomen om het aantal kernwapens te beperken. Onderhandelingen daartoe gingen echter gepaard met een diep wederzijds wantrouwen tussen de twee grootmachten, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Meerdere keren in de Koude Oorlog leek een kernoorlog nabij.


Fotoserie Obama en Medvedev in Praag

Obama en Medvedev zijn inmiddels beiden in Praag, om het verdrag te ondertekenen. Bekijk een fotoserie.


Op 8 december 1953, vier jaar na de eerste kernproef van de Sovjet-Unie, hield de toenmalige Amerikaanse president Eisenhower een toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York, getiteld Atoms for Peace (tekst). In de rede deed Eisenhower een voorstel voor een internationale organisatie die zich inzet voor vreedzaam gebruik van nucleaire technologie. Het was de voorzet voor de oprichting van het internationale atoomenergie agentschap IAEA, in 1957.

De bekendste periode waarin de wereld aan de rand van een kernoorlog stond, is de Cuba-crisis van oktober 1962. Toen ontdekten Amerikaanse piloten dat er raketbases werden gebouwd op Cuba, het Caribische communistische land dat zich in het kamp van de Sovjet-Unie had geschaard. Bekijk hieronder een documentaire over de crisis:

Op 1 juli 1968 tekenden de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie, het Verenigd Koninkrijk en veertig andere landen het nonproliferatieverdrag (download de tekst als pdf-bestand). Inmiddels zijn 189 landen lid van het verdrag. Het verdrag heeft drie 'pijlers':

  • verspreiding (proliferatie) van kernwapens te beperken. De vijf landen die (op het moment van totstandkoming van het verdrag) kernwapens bezitten (VS, VK, SU, China en Frankrijk, tevens de vijf permanente leden van de VN-veiligheidsraad) beloven om op geen enkele manier landen die geen kernwapens hebben, te helpen zo'n wapen te verkrijgen;
  • ontwapening;
  • vreedzaam gebruik van nucleaire energie.

Bij het tekenen van het verdrag in 1968 hield de toenmalige Amerikaanse president Johnson onderstaande toespraak (download als mp3-bestand, hier de tekst en video-opname rede)

This text will be replaced

Vals alarm, weer naar bed Verschillende keren stonden de VS en de Sovjet-Unie dichtbij een kernoorlog, soms bij vergissing. Zbigniew Brzezinski, de Nationale Veiligheidsadviseur van president Carter (1977-1981), werd eens om drie uur ’s nachts door zijn militaire assistent gebeld met de mededeling dat de Sovjet-Unie zo’n 220 raketten richting VS had gelanceerd. Brzezinski wist dat een president na het moment van lancering maar drie tot zeven minuten heeft om te besluiten terug te slaan.

Voor hij Carter wakker maakte vroeg hij zijn assistent bevestiging te zoeken van de lancering, na te gaan op welke doelen de raketten gericht waren en te zorgen dat Amerikaanse bommenwerpers onderweg gingen naar de Sovjet-Unie. De assistent belde snel terug: het ging niet om 220, maar om 2.200 raketten, een massale aanval dus. Vlak voor Brzezinski de president wilde wekken kwam er een derde telefoontje, vertelt oud-CIA-directeur en huidig minister van Defensie Robert Gates in zijn memoires From the Shadows: vals alarm, iemand had per ongeluk het bandje van een oefening in de computer gestopt. Brzezinski, die zijn vrouw had laten slapen omdat binnen een half uur toch iedereen dood zou zijn, ging weer naar bed.

Lees op nrcboeken.nl een recensie van drie boeken over de nucleaire dreiging van toen en nu: Nog maar 200.000 keer Hiroshima

Ruim anderhalf jaar na de Val van de Berlijnse Muur tekenden de VS en de Sovjet-Unie op 31 juli 1991 het Strategic Arms Reduction Treaty (START). Amerikaanse en Sovjet-onderhandelaars hadden ongeveer negen jaar over het verdrag onderhandeld, nadat de Amerikaanse president Reagan dat had voorgesteld. NRC Handelsblad schreef in een achtergrondartikel:

Symbolische waarde van START-verdrag ,,Het akkoord dat Bush en Gorbatsjov eind juli in Moskou zullen tekenen, is een uiterst complex geheel, waarvan de politieke betekenis echter niet zozeer gelegen is in de letter van het verdrag als wel in de geest van toenemend vertrouwen tussen de twee grote mogendheden die eruit spreekt. Het feit dat de twee partijen de afgelopen dagen erin geslaagd zijn de drie laatste hobbels glad te strijken van een akkoord dat al vier jaar voor meer dan negentig procent of meer rond was, is op zichzelf al een bewijs van dat toenemend vertrouwen." (Het hele achtergrondartikel Venijn van overleg zat in de staart, 18 juli 1991, is beschikbaar voor (web-)abonnees), lees ook het hoofdredactioneel commentaar van 23 juli 1991: Wapenfeit)

Vandaag tekenen de presidenten van Rusland en de VS een nieuw verdrag voor de vermindering van hun strategische kernwapens. Het is de eerste stap van president Obama's streven naar een wereld zonder kernwapens. In Praag gaf de president vorig jaar een toespraak over dat streven. „Ik ben niet naïef”, zei Obama. Een kernwapenvrije wereld „zal niet snel bereikt worden, misschien niet tijdens mijn leven. Maar we moeten doorzetten. Yes, we can!” Bekijk hieronder de toespraak, of lees de volledige tekst van de rede.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Buitenland
Foto's