Historicus Tony Judt overleden
Rotterdam, 7 aug. De Britse historicus Tony Judt, onder meer bekend van zijn boeken over de geschiedenis van Europa en zijn polemieken tegen de Amerikaanse buitenlandse politiek, is gisteren op 62-jarige leeftijd in New York overleden.
Judt, geboren in 1948, leed al lange tijd aan de ziekte ALS (amyotrophe lateraal sclerose), een voortschrijdende verlamming bij volledig geestelijk bewustzijn die meestal tussen drie en vijf jaar fataal is. ALS is ook bekend als de ziekte van Lou Gehrig. Judt schreef er in januari zelf een aangrijpend stuk over in de New York Review of Books: Night. Het nieuws van zijn dood werd vanmiddag bekendgemaakt door de New York University, waar hij aan verbonden was.
Tony Judt, die alom werd geprezen om zijn scherp intellect, werd bij een groter publiek bekend met het vuistdikke Postwar uit 2005, in het Nederlands vertaald als Na de Oorlog, een geschiedenis van Europa sinds 1945. Hij beschrijft daarin hoe Oost- en West-Europa zich moeizaam oprichtten uit de puinhopen van de Tweede Wereldoorlog.
Judt had de Europese geschiedenis in zijn bloed. Hij groeide op in Londen, als zoon van seculier Joodse ouders, die wortels hadden in Rusland, België en Litouwen. Aanvankelijk was hij een aanhanger van het zionisme. Maar later bedacht hij zich. Van een joodse staat, schreef hij in de New York Review of Books, zou Israël zich moeten omvormen tot een „binationale staat” voor Joden en Arabieren. Hij waarschuwde ook geregeld voor de Joodse lobby in de Verenigde Staten. Dat kwam hem op heel veel kritiek te staan en Judt werd zelfs beschuldigd van antisemitisme.
Judt liet zich niet het zwijgen opleggen, niet door zijn critici en niet door zijn ziekte. Afgelopen maart nog verscheen zijn laatste boek, dat hij gedicteerd had aan medewerkers. Ill Fares the Land, vertaald als Het Land is Moe, is een pleidooi voor een typisch Europees fenomeen: de sociaal-democratie. Het wordt beschouwd als zijn testament.
