Hulpverlening Haïti komt niet op gang

Het vernielde centrum van de Haïtiaanse hoofdstad Port-au-Prince.
BBC

Port-au-Prince, 15 jan. De hulpverlening in Haïti, waar als gevolg van de hevige aardbeving volgens het Rode Kruis 45.000 tot 50.000 doden zijn gevallen, wordt ernstig bemoeilijkt door de vernielde infrastructuur en gebrekkige coördinatie.

Veel hulpgoederen zijn de afgelopen dagen op het vliegveld van de Haïtiaanse hoofdstad Port-au-Prince aangekomen, maar de Britse omroep BBC meldt dat weinig daarvan daadwerkelijk de getroffen gebieden bereikt. Het overvolle vliegveld is overbelast en veel wegen zijn geblokkeerd door puin.

Overlevenden van de aardbeving ontbreekt het aan water, voedsel en medische hulp. Veel mensen overlijden alsnog. Er is nauwelijks materieel beschikbaar om mensen onder ingestorte gebouwen vandaan te halen. De lichamen van slachtoffers van de aardbeving zijn vaak nog niet geborgen.

Gisteravond werden vluchten naar Port-au-Prince tijdelijk geannuleerd, omdat het vliegveld overvol was. Het toestel met hulpverleners van het Nederlandse Urban Search and Rescue Team is daardoor uitgeweken naar de luchthaven van Santo Domingo in de Dominicaanse Republiek, het land dat grenst aan Haïti.

De Amerikaanse president Barack Obama heeft 100 miljoen dollar toegezegd aan noodhulp voor Haïti. Nederland heeft 2 miljoen euro aan noodhulp beschikbaar gesteld. Het is volgens Obama een van de grootste hulpoperaties uit de geschiedenis en het bedrag zal het komende jaar zeker stijgen, verwacht de president. De VS sturen ruim 2.300 soldaten, een vliegdekschip en een ziekenhuisschip naar het getroffen gebied.

Een dreigend probleem is de coördinatie van alle geboden hulp. Een woordvoerder van de VN-noodhulporganisatie (OCHA) zei gisteren telefonisch vanuit Genève dat zij een „enorme logistieke uitdaging” voorziet. Vanuit tientallen landen van over de hele wereld (onder meer de VS, Groot-Brittannië, Frankrijk, diverse Latijns-Amerikaanse landen en China) zijn hulpwerkers, snuffelhonden en militairen onderweg om te helpen bij de rampbestrijding.

Gepubliceerd in:
Haïti
Buitenland