Haïtianen in Nederland vrezen voor lot familie
Haïtianen in Nederland, immigranten en geadopteerde kinderen, vrezen voor het lot van hun familie. Dat bleek op een bijeenkomst in Amsterdam.
Amsterdam, 16 jan. Na de aardbeving in Haïti heeft Yolanda Rebecca (59) nog geen enkel contact met haar broer en zus in de zwaar getroffen hoofdstad Port-au-Prince gehad. Terwijl ze dit vertelt omklemt ze met haar linkerhand een lichtblauwe luchtpost-enveloppe, waarop ze het adres van haar zus al had ingevuld. Rebecca wilde de brief deze week op de post doen. "Maar dat heeft nu geen zin meer", zucht ze.
Geen tv
In een vergaderzaal van de Amsterdam Arena, het voetbalstadion van Ajax, werd gistermiddag door de stichting HaïtiContact een bijeenkomst voor Haïtianen in Nederland georganiseerd. Zittend aan een van de witte tafeltjes vertelt Rebecca dat de wijk waar haar broer woont volgens de eerste berichten zou zijn vernield, het gebied rond het huis van haar zus deels gespaard. Maar bij die eerste berichten heeft de Haitiaanse het gehouden, ze wacht tot ze telefonisch contact krijgt. "Ik volg het nieuws niet meer, ik kan er niet meer tegen."
Op de bijeenkomst, bedoeld om ervaringen te delen, waren zo'n tweehonderd mensen aanwezig. Immigranten als Yolanda Rebecca, die inmiddels 31 jaar in Nederland woont, maar ook Haïtianen die op jonge leeftijd geadopteerd zijn door Nederlandse gezinnen. Een aantal adoptieouders hebben hun jonge kinderen meegenomen, die al snel collectebussen beginnen te knutselen. De muren en ramen achter hen komen ieder uur voller te hangen met tekeningen over de aardbeving, al dan niet begeleid door het woord 'help'.
Adoptie
Het merendeel van de ongeveer zeshonderd Haïtianen in Nederland is ooit als kind geadopteerd. Zo ook de 22-jarige Guideon Marcelis. Als hij bij de ingang van de zaal in het Frans wordt aangesproken door Yolanda Rebecca, verontschuldigt hij zich. Hij spreekt geen Frans, hij groeide op in Sliedrecht. Marcelis vertelt dat hij zich had voorgenomen om een keer naar Haïti terug te gaan. "Maar nu kan alles weg zijn." Het tehuis waar hij de eerste twee jaar van zijn leven woonde stond in Port-au-Prince. "Met de tropische stormen van vorig jaar was ik al bang dat documenten verloren waren gegaan, maar er zijn nu zoveel mensen overleden, ik denk dat de kans nog kleiner is dat ik ooit familieleden terugvind."
Telefoon
Na toespraken van de eveneens aanwezige minister Bert Koenders (PvdA, Ontwikkelingssamenwerking), de Amsterdamse burgemeester Job Cohen en Farah Karimi, voorzitter van de Samenwerkende Hulporganisaties, gaan de gesprekken in de vergaderzaal weer over de toestand in Haïti. Veel aanwezigen zitten nog in de slopende onzekerheid. Anne van den Ende Etienne, die trouwde met een Nederlandse man, is sinds vanochtend iets meer ontspannen. Via een kennis in Canada kreeg ze te horen dat haar familieleden in Port-au-Prince levend waren gezien. „Maar ik ben pas echt gerustgesteld als ik hen aan de telefoon krijg.”
