Oppositie Iran weer massaal op straat

Door onze correspondent

Teheran, 18 sept. Meer dan honderdduizend oppositieaanhangers hebben vanochtend in het centrum van Teheran, in weerwil van een verbod van de autoriteiten, gedemonstreerd tegen het Iraanse regime en voor oppositieleider Mir Hossein Mousavi. Het was de eerste keer in maanden dat de Iraanse oppositie weer massaal de straat op ging.

De oppositie maakte gebruik van de jaarlijkse officiële betoging op Qods(Jeruzalem)-dag, waarbij Iraniërs door de overheid massaal de straat op worden geroepen om hun solidariteit te tonen met de Palestijnen.

Het conservatieve regime had de hervormingsgezinde oppositie vooraf gewaarschuwd geen gebruik te maken van Qods-dag om tegen de regering te protesteren. Oproerpolitie en paramilitaire eenheden waren in groten getale ingezet. Getuigen meldden dat betogers werden geslagen en dat een onbekend aantal werd opgepakt. Ook werd volgens getuigen geschoten.

Ex-president Mohammad Khatami, die deel uitmaakt van de oppositie, zou zijn mishandeld door regeringsaanhangers die eveneens massaal de straat op waren gegaan. Ook oppositieleider Mir Hossein Mousavi zou genoodzaakt zijn geweest de demonstratie te verlaten.

De politie leek totaal verrast door het grote aantal anti-regeringsdemonstranten. Sinds in juni massaprotesten tegen de omstreden herverkiezing van president Mahmoud Ahmadinejad met harde hand waren neergeslagen, verschenen incidenteel nog enkele honderden betogers op straat. Het merendeel van de duizenden betogers die indertijd zijn opgepakt, is weer vrij. Maar honderden prominente politici van de oppositie zitten nog gevangen.

Betogers, die het groen van Mousavi’s verkiezingscampagne droegen, scandeerden de naam van de oppositieleider en riepen „Ik zal sterven voor Iran!” Anderen eisten de vrijlating van de politieke gevangenen. Pro-regimebetogers schreeuwden „Dood aan Amerika!” en „Dood aan Israël!”, de gebruikelijke slogans tijdens Qods-dag. Oppositie-aanhangers reageerden met „Dood aan jullie!”

President Ahmadinejad herhaalde in een toespraak tot aanhangers op het terreur van de Universiteit van Teheran nog eens dat de Holocaust „een voorwendsel” was „voor de schepping van de zionistische staat” (Israël). „Het is een leugen gebaseerd op een onbewijsbare en mythische claim”, zei hij, en „de confrontatie met het zionistische regime is een nationale en religieuze plicht.”

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Iran
Buitenland
Nieuwsbrief