Verdachte op Antillen, benoemd in Nederland

Door Miriam Sluis Jos Verlaan

Op het moment dat tegen officier van justitie Cor M. een strafrechtelijk onderzoek liep, werd hij benoemd tot procureur-generaal in Den Haag. „Als er zoveel geruchten de ronde doen, dan zoek je dat toch goed uit.”

Den Haag/Willemstad, 21 dec. Een flamboyant man met hart voor de zaak, dat is de reputatie van oud-officier van justitie Cor M. Een steenrijke jurist uit Limburg die zijn werk niet voor het geld hoeft te doen. Een man die na zijn vertrek uit Nederland in 2000, op Sint Maarten van zijn ambt een publieke functie maakte: regelmatig te zien en te horen op de lokale radio-en televisiestations. Tot begin dit jaar. Toen circuleerde in de Antilliaanse media een stroom aan geruchten over zijn functioneren. Hij zou zijn positie hebben gebruikt om drugscriminelen tegen betaling vervroegd in vrijheid te stellen, zou bouwbedrijven de hand boven het hoofd hebben gehouden na onoorbare praktijken en hij zou illegaal telefoongesprekken hebben laten aftappen van zijn ex-vriendin. Het openbaar ministerie in Willemstad hield hem de hand boven het hoofd en ontkende begin dit jaar dat er kritiek was op zijn functioneren. Dat was ook de boodschap toen het College van procureurs-generaal in Nederland opheldering vroeg over die geruchten. Want Cor M. keerde in april terug naar Nederland om advocaat-generaal te worden bij het gerechtshof in Den Haag. Volgens een woordvoerder van het college was toen, desgevraagd, de boodschap van het openbaar ministerie in Willemstad duidelijk: „Ons werd meegedeeld dat die geruchten niet op waarheid berustten. Zijn vertrek had louter medische redenen”, aldus de woordvoerder. Naar nu blijkt, liep er op de Antillen al vlak na zijn vertrek naar Nederland een gerechtelijk vooronderzoek tegen Cor M. Het OM op de Antillen beschikte al in april over documenten over het illegaal opvragen van informatie over het belgedrag van zijn ex-vriendin, ondertekend door Cor M. Het openbaar ministerie in Nederland was daar niet van op de hoogte. Cor M. zelf nam in oktober dit jaar ontslag als advocaat-generaal om terug te keren naar Sint Maarten. Hij wilde daar in dienst treden bij het advocatenkantoor van de Antilliaanse minister van Constitutionele Zaken, Richard Gibson. Een week voordat hij zou worden ingeschreven bij de advocatenbalie werd hij op 9 december aangehouden op verdenking van valsheid in geschrift en zat hij meer dan een week vast in een gevangeniscomplex op Sint Maarten tussen gedetineerden die daar voor een belangrijk deel door zijn toedoen waren beland. Zijn reputatie op Sint Maarten is inmiddels behoorlijk geknakt. Zeker nu hij eerder deze week op een persconferentie zelf een toelichting heeft gegeven op de officiële beschuldigingen. Naast valsheid in geschrift gaat het om machtsmisbruik. Hij zou een collega bij het openbaar ministerie hebben overgehaald illegaal informatie te verstrekken over telefoongesprekken van zijn ex-vriendin en haar nieuwe partner. Hij zou hen ook met een vuurwapen hebben bedreig. „Ik was indertijd verteerd door jaloezie en heb hier erg veel spijt van. (...) Voor zover deze acties de naam van het openbaar ministerie hebben beschadigd, betreur ik dat ten zeerste.” Voor zijn komst naar Sint Maarten werkte Cor M. bij het bij het openbaar ministerie in Maastricht. ‘Het zinkende schip’ was rond de eeuwwisseling de bijnaam van dat parket in Maastricht. Een reputatie die werd gevoed door affaires. Zo bleek in 2000, het jaar waarin Cor M. naar Sint Maarten vertrok, een van zijn collega-officieren in een onderzoek acht observatiebevelen te hebben vervalst. Die collega, Frans Pommer, kreeg een formele berisping door het college van procureurs-generaal. Hij koos na die affaire voor eenzelfde carrièrelijn als Cor M. Hij vertrok in 2001 naar het OM op Curaçao. Formeel stond zijn vertrek los van die kwestie. Maar de affaire zou Pommer tot in Willemstad achtervolgen. Hij moest zich als officier van justitie terugtrekken uit het strafdossier dat later zou uitgroeien tot de megafraudezaak waarbij veel Antilliaanse politici en ambtenaren betrokken waren. Pommer werkte vervolgens op de Antillen een tijd bij een particulier recherchebureau, maar keerde begin dit jaar terug naar Nederland om, net als Cor M., in april van dit jaar weer een baan te aanvaarden bij het openbaar ministerie. Sindsdien is hij als officier van justitie verbonden aan het parket van het openbaar ministerie in Roermond. Vooralsnog wordt Cor M. concreet verdacht van het plegen van valsheid in geschrift inzake de telefoongesprekken van zijn ex-vriendin, zonder dat er in zijn zaak andere verdachten betrokken zijn, bevestigt de woordvoerster van het parket in Willemstad. Volgens geruchten zou hij ook bouwbedrijven hebben bevoordeeld, maar daarvoor wordt hij nu niet vervolgd. Hij is inmiddels weer vrijgelaten, maar mag het eiland niet verlaten. Zijn paspoort is ingevorderd. Toch houden andere vragen de gemoederen op Sint Maarten bezig sinds zijn aanhouding. „Het wekt hier verbazing dat Cor M. in Nederland zo makkelijk benoemd kon worden tot advocaat-generaal. Als er over iemand al zoveel geruchten de ronde doen, dan zoek je dat toch goed uit”, zegt de Antilliaanse advocaat Jelmer Snow.

 

Gepubliceerd in:
Relatie met Nederland
Over de krant
Nederlandse Antillen