‘Uiteraard zie ik uit naar mijn eigen maidenspeech’
Emile Roemer (44) is één van de zeventig nieuwe Kamerleden die de afgelopen week zijn beëdigd. De SP-politicus, nummer acht van de lijst en van oorsprong onderwijzer, woont in Sambeek, is gehuwd en heeft twee dochters, van vijftien en zeventien.
Ik zou liegen als ik zou zeggen dat gisteren geen spannende dag was. ’s Middags om drie uur was de beëdiging van de nieuwe Kamerleden. Na een onrustige nacht wilde ik tijdig vertrekken naar het Haagse, een rit met de auto van zo’n kleine twee uur, mits er geen files staan. Tijdig, omdat vooraf nog een gesprek gepland stond met Jan Marijnissen en Agnes Kant over de portefeuilleverdeling van alle fractieleden. Mijn familie, die natuurlijk bij de beëdiging aanwezig wilde zijn, kwam later met de trein.
Bijna in Den Haag kreeg ik een telefoontje dat door omstandigheden het gesprek niet door kon gaat. Mooi balen dus. Dit is iets waar ik maar direct aan moet gaan wennen, de agenda van een politicus in Den Haag kan van het ene moment op het andere in de war worden gegooid.
De feestelijke beëdiging was bijzonder, nu zit je daar écht in die stoeltjes. Terwijl ik van alles verklaar en beloof gaat er veel door me heen, vooral de gedachte aan mijn moeder die apetrots zou zijn geweest, maar dit heuglijke feit net niet mocht meemaken, zij overleed zeven weken geleden. Tijd om dit een plek te geven heb ik nog niet gehad, dus dat moet nog gaan komen. Na de beëdiging was er ook al weinig tijd om met mijn familie iets te drinken, want er was al direct een debat aangevraagd over het generaal pardon. Tijdens het debat probeer je ieders strategie te analyseren, waarom reageert iedereen zoals ze reageren. Het werd me snel duidelijk dat de posities voor de formatieonderhandelingen werden ingenomen. Kunnen dus leuke weken worden.
Vandaag staat mijn afscheid als wethouder in Boxmeer op het programma. De gemeente heeft van alles georganiseerd en ik laat het maar over me heen komen. In een extra raadsvergadering wordt afscheid genomen. Mooie woorden wisselen elkaar af. Een heel bijzonder woordje komt van Joop, een man van in de 50, met een verstandelijke handicap. Hij komt persoonlijk afscheid van me nemen en vraagt of ik in Den Haag kan regelen dat zijn groep mensen van 50+ er tien euro zakgeld per week bij kan krijgen, dat is genoeg. De aansluitende receptie was overdonderend, er kwam geen eind aan de rij, er kwam zelfs een dweilorkest. Een mooier compliment kun je je als politicus niet wensen.
Na eerst het ziekbed van mijn moeder en haar overlijden en prompt een overvolle agenda wegens de verkiezingscampagne, is dit de eerste ‘vrije zaterdag’. Even uitslapen hebben we wel verdiend. Niet te lang, want thuis moet nog van alles gebeuren, en ik wil ook nog graag even allerlei media napluizen wat er allemaal gezegd en geschreven is. Je moet ook in het weekend bijblijven. ’s Avonds staat er nog een bezoek gepland aan een ‘integratietoernooi’, een zaalvoetbaltoernooi waarin gemengde voetbalteams uit Boxmeer met elkaar de sportieve strijd aangaan. Een initiatief dat ik zeer toejuich. Daarna een avondje thuis. Maar ja, één van de dochters heeft een meidenavond georganiseerd. Daar hoort pa niet echt bij. Ook thuis wordt de agenda bepaald.
Vandaag staat een familiedag gepland met mijn broers en zus. Je kunt raden waar de meeste gesprekken over gaan. Hoe bevalt het in Den Haag, en het reizen? Welke portefeuille ga je doen? Gaat de SP meeregeren, en dan word jij minstens minister, kortom een rustige zondag wordt het allerminst. Er wordt volop gesproken over de overeenkomsten en de verschillen tussen de partijen, en ik mag steeds uitleggen of de SP daar dan wel bijpast. Een mooie opwarmer natuurlijk, want vanaf maandag zal het er in Den Haag ook wel steeds over gaan. Uiteraard wordt ook de motie Bos aan een stevig verhoor onderworpen. De familie heeft een vooruitziende blik, „die wordt echt niet uitgevoerd.”
Eigenlijk is dit mijn eerste werkdag als Kamerlid, alleen rijst de vraag, wat ga ik allemaal doen. Een echte werkplek heb ik nog niet, want de ‘grote verhuizing’ van de fracties is pas tijdens het kerstreces, dus zitten we met zeven personen in een vergaderzaaltje met ieder een computer en een telefoon, en sinds vandaag gelukkig ook een kast. Wel lastig als we met meerderen aan het bellen zijn. In ieder geval heb ik vandaag een gesprek met Agnes Kant over de portefeuilleverdeling, het uitgestelde gesprek dat vorige week niet doorging. Netjes in pak meld ik me voor het gesprek en krijg direct een compliment dat ik er ‘representatief’ uitzie. „Zit ik daar bij jullie steeds op te hameren, loop ik zelf in een spijkerbroek”, geeft Agnes nog mee. Het gesprek waarin ik mijn voorkeuren kan uitspreken loopt overigens plezierig. Uiteraard gaat mijn voorkeur uit naar terreinen die ik als wethouder ook in portefeuille had, onderwijs, jeugd, sociale zaken, de WMO, of ouderenbeleid. Op dinsdag zijn er nog meer gesprekken, dus ik zal nog een paar dagen moeten wachten voordat ik weet waar ik me mee ga bezighouden. Geeft niet, kan ik me wegwijs gaan maken in het immens grote gebouw.
Ik vraag mij af wat me vandaag allemaal te wachten staat. Ik voel dat iedereen zit te wachten op de beloofde brief van het kabinet over een pardonregeling. Natuurlijk is er al het een en ander uitgelekt en de geluiden stemmen mij niet vrolijk, al had ik weinig anders verwacht moet ik eerlijk zeggen. Voor half tien zou de brief er zijn, maar, weinig verrassend, geen brief. Om elf uur hebben wij een fractievergadering. We hebben daarvoor nu een grote zaal toegewezen gekregen, waar voorheen de VVD-fractie zat. Een mooi gezicht, zo’n volle zaal SP-Kamerleden. Uiteraard wordt de agenda van deze en volgende week in de fractie besproken, en de vorderingen bij de kabinetsformatie. Ik durf met geen zinnig woord te voorspellen waar dit op uit zal draaien, maar dat het een zware kluif wordt is mij wel duidelijk. Ondertussen is er nog steeds geen brief van het kabinet over de pardonregeling. Ook niet als om twee uur het vragenuurtje begint. Overigens een mooi moment voor ons vijfentwintigste Kamerlid Hugo Polderman, die vandaag beëdigd wordt, zijn we tenminste compleet. Uiteindelijk komt de brief van de minister rond half zes binnen, en inderdaad ik werd er niet vrolijk van.
Kwart over tien, de maidenspeech van partijgenoot Ronald van Raak begint bij de begrotingsbehandeling Algemene Zaken. Eigenlijk een oersaai onderwerp, maar je eerste speech als nieuw Kamerlid is natuurlijk bijzonder, vandaar dat de SP fractie ruimschoots aanwezig is. Na de speech, waarin je niet geïnterrumpeerd mag worden word je door de Kamerleden gefeliciteerd. Je hebt je vuurdoop dan gehad zullen we maar zeggen. Uiteraard zie ik uit naar mijn eigen maidenspeech. Vandaag is ook het gesprek van Hoekstra met Marijnissen en Balkenende. De uitkomst is voor mij niet verrassend, er zijn vooralsnog meer tegenstellingen dan overeenkomsten, maar dat was vooraf al bekend. De vraag is natuurlijk, zijn de tegenstellingen overbrugbaar, en wil het CDA eigenlijk wel*
Wat we wel allemaal willen is het kiezen van een nieuwe Kamervoorzitter. Nadat alle vragen zijn afgevuurd op de drie kandidaten, mogen ze reageren. Lange verhalen, goede voornemens, sociaal wenselijke antwoorden, kortom een echte verkiezing. Tijdens dit debat schuift Agnes Kant even aan, met een net zo verrassende mededeling als de uitslag van de stemming over de nieuwe Kamervoorzitter. Ik krijg zo goed als zeker de portefeuille Verkeer en Waterstaat. De ene verrassing na de andere in mijn eerste week. Overigens is deze portefeuille mij niet vreemd, ik heb dit als wethouder ook vier jaar gedaan. Maar ja, zo zie je maar, hier in de Kamer loopt niets zoals je dat van tevoren denkt**
Vandaag stond eigenlijk mijn afscheid van het personeel van mijn gemeente gepland en zou ik dus niet naar Den Haag gaan, maar je raadt het al. Er is een brief gekomen van de minister van Vreemdelingenzaken, en de kans is erg groot dat er een debat komt, met wellicht stemmingen erachteraan over eventuele moties. Gezien de verhoudingen in de Kamer kan geen enkele stem gemist worden en word ik geacht in Den Haag aanwezig te zijn. Het afscheid heb ik dus helaas af moeten zeggen. Maar in de Kamer loopt niets zoals je van tevoren denkt. Er wordt besloten het debat niet vandaag te voeren maar volgende week dinsdag. Had mijn afscheid dus tóch... Drie keer zuchten, en gewoon weer verder gaan met je werk. Dit hoort er allemaal bij wanneer je hebt gezegd: „Dat verklaar en beloof ik.”
