China wil belang 50 procent in Morgan Stanley
China overweegt haar belang in de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley fors te vergroten. Ter bescherming van hun huidige belang en om de beurzen op te peppen.
Shanghai, 19 sept. In een poging de Chinese beurzen te ondersteunen en de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley te helpen hebben de Chinese monetaire autoriteiten het staatsfonds Chinese Investment Corporation (CIC) opdracht gegeven in actie te komen.
Via Central Huijin Investment Co, een van de takken van het CIC, breidt de staat zijn belangen in drie grote commerciële banken uit. Bedragen zijn niet genoemd.
Bij Morgan Stanley zou het gaan om een politiek gevoelig belang van 49 procent, aldus de Chinese zakenkrant China Business News en het Amerikaanse weekblad Barron’s. In Peking werd niet ontkend dat over een vergroting van het belang in Morgan Stanley wordt gesproken. De pogingen om de Chinese beurzen voor een verder wegglijden te behoeden, lijken effect te sorteren. De Chinese beurzen, inclusief de Hang Seng in Hongkong, sprongen 9,5 procent omhoog.
Dat kwam ook omdat in Washington bekend was gemaakt dat de Amerikaanse Fed volgende week met een reddingsplan komt voor de Amerikaanse zakenbanken. De aankoop van aandelen werd extra gestimuleerd door de afschaffing van de zogeheten stempelbelasting van 0,1 procent.
Paniek op de Chinese beurzen
Als gevolg van de internationale bankencrisis en prognoses over dalende economische groei leken de beurzen van Shanghai en Shenzhen donderdag op sterven na dood. De Shanghai-index die in oktober 2007 piekte met 6124 punten was gisteren gedaald tot onder de 1900 punten vooral omdat investeerders af wilden van hun aandelen in de grote, internationaal operende banken als de Bank of China, de China Construction Bank en Industrial and Commercial Bank of China.
„Dit is het signaal waar velen op zaten te wachten. De Chinese overheid is bereid de markt te redden”, aldus Mu Qiguo van Guangda Securities in Shangai-Pudong. Overigens verwacht niemand dat de beurs op afzienbare termijn het record van 2007 zal evenaren. Chinese spaarders en investeerders zoeken nu massaal naar andere bestemmingen voor hun geld, onder andere via de netwerken van ondergrondse illegale banken.
De genoemde banken, afsplitsingen van de vroegere communistische staatsbank, vervullen een spilfunctie in de financiering van de Chinese economie en de bijna 2000 (semi)staatsbedrijven in het bijzonder. Het versterken en verdedigen van deze banken is een politieke zaak van de eerste orde. Deze banken hebben succesvolle jaren achter de rug en hebben een groot deel van hun zogeheten slechte leningen gesaneerd. Toch werden zij deze week meegesleurd in de wereldwijde paniek.
Daarnaast zou de totale ineenzakking van de Shanghaise beurs (en die van Shenzhen), het meest intrigerende aspect van het Chinese experiment met het kapitalisme, een blamage zijn voor de staat en een groot probleem voor de beursgenoteerde, kapitaalhongerige Chinese staatsbedrijven.
Groter belang in Morgan Stanley
Dat de activisten onder de leden van de Chinese monetaire autoriteiten (de centrale Volksbank, het ministerie van Financiën en het toezichtscomité voor het bankwezen) hun zin hebben gekregen blijkt ook uit het feit dat het Chinese staatsfonds CIC in gesprek is met de zakenbank Morgan Stanley.
Het CIC heeft al een belang van 9,9 procent in de Amerikaanse zakenbank. De president-directeur van Morgan Stanley, John Mack, wil zijn bedrijf verdedigen door het Chinese belang uit te breiden. Omgekeerd verdedigt het CIC het reeds bestaand belang in Morgan Stanley door de portefeuille uit te breiden naar 49 procent.
De Pekingse autoriteiten zijn zich daarbij overigens zeer van bewust dat een dermate groot belang in het prestigieuze Amerikaanse geldhuis in de VS op nationalistisch verzet en anti-Chinese sentimenten in het Congres zal stuiten.
De waarschuwing geen buitenlandse belangen te kopen of extreem voorzichtig te zijn belette gisteren de Bank of China niet om met 336 miljoen dollar een aandeel van 20 procent te kopen in de Franse zakenbank LCF Edmond de Rothschild.
De aanschaf past in de plannen van de Chinese bank om de diensten voor de nieuwe rijken in China verder uit te breiden en om deskundigheid op het gebied van private banking op te bouwen.
Eerder dit jaar kocht de Bank of China, nummer 3 in China, zelf al een Zwitserse vermogensbeheerder. Via dergelijke constructies wordt de weg voor Chinees particulier kapitaal naar beurzen buiten China geplaveid. Voor minder vermogende spaarders, onder wie gepensioneerden, is deze weg gesloten.
