In Washington kunnen de wereldleiders dit weekend zakendoen
Dit weekend komen in Washington ’s werelds financiële beleidsmakers bijeen. Alle hoop is gevestigd op een gezamenlijk antwoord op de kredietcrisis.
Washington, 10 okt. Terwijl de paniek op de beurzen wereldwijd om zich heen grijpt, vestigen de financiële markten vandaag hun hoop op een – op papier – ultiem paniekbestrijdend evenement: de jaarvergadering van het Internationaal Monetair Fonds, dit weekeinde in Washington.
Hier zijn alle financiële autoriteiten van de wereld, van ministers van Financiën tot centralebankiers, bijeen. Hier moeten besluiten worden genomen die de financiële crisis kunnen bezweren. Hier moet een vertoon van eensgezindheid het vertrouwen terugbrengen in de financiële sector dat volledig verdwenen is.
Nogal een zware hypotheek op de bijeenkomsten en hun deelnemers. Vanavond overleggen de bewindslieden van de zeven grootste industrielanden, de G7. Zaterdag volgt de vergadering van het IMF en tussentijds steken ook de leiders van de G20 de koppen bij elkaar. In de marge zijn er diverse nichevergaderingen van iedereen die ertoe doet, of een mening heeft over de kredietcrisis. Met name de G20-bijeenkomst wordt relevant. Daarin zitten ook China, Brazilië, Saoedi-Arabië en India.
De inzet is hoog. Tal van exceptionele nationale maatregelen die de afgelopen weken zijn genomen hebben niet geholpen om de paniek in te dammen. Maar de buitenwereld verwacht één plan: een samenhangend en gezamenlijk initiatief, dat ervoor moet zorgen dat de financiële crisis niet ontaardt in een onttakeling van de wereldeconomie. En het is nog maar de vraag of dat ervan komt.
Hoge verwachtingen
De Amerikaanse minister van Financiën, Hank Paulson, temperde deze week alvast de hoge verwachtingen. „Een identieke aanpak is voor de landen van de G7 niet zinvol”, zei hij. Volgens hem hebben de G7-leden geen behoefte aan confectie voor hun noodplannen – ze willen maatwerk.
Hoe tegengesteld de meningen daarover zijn bleek gisteren tijdens een voorbeschouwing van de Franse IMF-directeur Dominique Strauss-Kahn. Hij wil juist wel een gemeenschappelijke aanpak, en dan met name bij de Europeanen. „Ik verzoek de Europese landen met klem samen te werken. Er is geen nationale oplossing voor deze crisis.” Coördinatie en samenwerking is, zo moet Europa maar eens accepteren, „de prijs van succes”. Alleen door „te luisteren naar anderen” kan voorkomen worden dat de crisis „verder uitdijt”.
Hoe gecompliceerd dit in de praktijk is voor kopstukken zoals Strauss-Kahn, bleek gisteren al. Hij begon zijn bijeenkomst door te zeggen dat „het mijn doel van vandaag is het volledige vertrouwen op de financiële markten te laten terugkeren”. Om daarna een uur lang, in weinig diplomatieke bewoordingen, uitspraak na uitspraak te eindigen met de vraag waarom de paniek over de mondiale economie alsnog gerechtvaardigd is.
„Ik heb een hoopvolle boodschap. Eind 2009 is het begin van het einde voor de crisis. Tot die tijd is het een serieuze zaak, en daarna sleept het ook nog wel even door.”
„Wij hebben ervaring met dit soort situaties – o nee, dat zou ik niet moeten zeggen. Zoiets als dit is namelijk nog nooit voorgekomen.”
„Dit is echt een moeizame situatie, zowel financieel als economisch.”
„Deze crisis gaat iedereen op aarde aan. Niemand is immuun.”
En hij maakte het af met: „We staan aan de rand van een wereldwijde recessie.”
Pessimisme
Om al dat pessimisme in het benauwde kelderzaaltje van het IMF enigszins aan te zetten, had Strauss-Kahn een serie van wereldkaarten meegenomen. De kop: „Global warming”. Maar dan niet over het klimaat, wel over „financiële stress” in de ontwikkelde wereld. Eerst 2006: alles nog groen, de kredietcrisis was nog ver weg. 2007: Australië en grote delen van Europa nog steeds niets aan de hand, maar Japan en Nederland zijn oranje en Amerika is plotseling felrood gekleurd. 2008: geen groen meer te zien.
„Niemand is immuun”, volgens de IMF-voorzitter. Daarna gaat de Franse ex-minister van Economische Zaken over op kritiek op de wijze waarop de EU met de crisis omgaat. „Ik verzoek de Europese landen dringend om samen te werken. Er is geen nationale oplossing voor deze crisis.” Coördinatie en samenwerking zijn, zo moeten Europeanen nu maar eens accepteren, „de prijs van succes”. Alleen door „te luisteren naar anderen” kan voorkomen worden dat de crisis „verder uitdijt”.
Op de beurzen is daar nog weinig van te merken. Gisteravond sloten de Amerikaanse beurzen voor de zevende dag op rij met forse verliezen. Met minder dan een masterplan nemen de markten geen genoegen – en met meer misschien ook niet.
