Rekenkamer: duurzaam vissen mislukt

Visnet.
Door een onzer redacteuren

Amsterdam, 30 okt. Het economisch belang van vissers prevaleert boven natuurbelang waardoor regeringsambities voor natuurbescherming niet worden waargemaakt.

Dit stelt de Algemene Rekenkamer in het vandaag gepubliceerde rapport Duurzame Visserij (lees ook de Errata). Ambities voor bescherming van de visstand en van biodiversiteit worden niet waargemaakt omdat op het moment dat de overheid beleidskeuzes moet maken economische belangen de overhand hebben. Uiteindelijk verslechtert daardoor zowel de economische positie van de vissers als de ecologische situatie van de Noordzee, stelt de Rekenkamer.

Beperking van de vangst van commerciële vissoorten door het instellen van quota heeft „in de praktijk niet het beoogde effect”, stelt de Rekenkamer. Quota zijn het belangrijkste middel van de Europese Unie in het gemeenschappelijke visserijbeleid om vissoorten te beschermen. Door effectief lobbywerk van de visserijsector komen de quota altijd hoger uit dan wetenschappers adviseren, gemiddeld 42 tot 57 procent hoger.

Daarnaast vangen de Nederlandse vissers veel meer vis dan ze aan land brengen, en dus ook veel meer dan hun quota toestaan. Ongewenste vissoorten of ondermaatse vis worden, veelal dood, overboord gegooid. Oorzaak is het gebruik van sleepnetten om de platvissen schol en tong, de belangrijkste Nederlandse vissoorten, op de zeebodem te vangen. Deze netten schrapen de hele bodem leeg. Van de totale hoeveelheid vis die de vissers bovenhalen gaat 52 tot 62 procent weer overboord en er is „geen beleid om ongewenste vangsten te verminderen of te voorkomen”, stelt de Rekenkamer.

Er wordt gewerkt aan alternatieven voor deze zogeheten boomkorvisserij. Maar innovatiebeleid is pas in 2007 op gang gekomen, ook al zijn „de problemen én de oplossingen al jaren bekend”.

Gepubliceerd in:
Economie
Economie