'Nederland kan kwart CO2-uitstoot terugbrengen'
Rotterdam, 3 april. Nederland kan in 2030 zijn verbruik van fossiele brandstoffen en zijn CO2-uitstoot met een kwart hebben teruggebracht als het zwaar inzet op de zogeheten biobased economy. Dat blijkt uit een gisteren gepubliceerd rapport van het Copernicus Instituut in Utrecht en het Landbouw Economisch Instituut in Den Haag.
Bij biomassa wordt plantaardig materiaal gebruikt (in plaats van olie, gas en kolen) als bron voor brandstoffen in het vervoer, voor de opwekking van elektriciteit, en voor de productie van allerlei materialen.
Als de chemie- en de energiesector inzetten op vergroening, kunnen ze op jaarbasis tot 7 miljard euro meer verdienen dan als ze dat niet doen, berekenden de instituten.
Ook lijkt het extra werkgelegenheid op te leveren, zeker in de landbouw. In de studie wordt wel aangegeven dat er ook grote onzekerheden zijn, met name over de ontwikkeling van de olieprijzen en de uiteindelijke prijs voor emissierechten.
De auteurs bevelen de overheid aan meer geld vrij te maken voor onderzoek naar veelbelovende technologieën op dit gebied, en naar (vaak dure) demonstratieprojecten waarin overheid en industrie samenwerken.
Daarnaast moet Nederland nauwere relaties aangaan met grote exporteurs van plantaardig materiaal in Zuid-Amerika, Canada, zuidelijk Afrika en Oost-Europa. En Nederland moet voorop lopen bij het opstellen van internationale duurzaamheidscriteria voor teelt, transport, en handel in biomassa, aldus de opstellers van het rapport.
