De AOW gaat veranderen – zoveel is zeker

Door onze redacteuren Patricia Veldhuis en Michèle de Waard

Worden vakbonden en werkgevers het vandaag eens over de AOW? Of kan het kabinet zijn eigen gang gaan? Om middernacht moet het duidelijk zijn.

Den Haag, 30 sept. In het gebouw van de Sociaal-Economische Raad (SER) aan de Bezuidenhoutseweg zijn de spanningen over de AOW zo hoog opgelopen, dat de pers buiten moet blijven. Worden werkgevers, vakbonden en onafhankelijke Kroonleden het eens over een alternatief voor verhoging van de AOW-leeftijd naar 67? Het moet voor middernacht duidelijk zijn.

De kans op een „breed gedragen” advies aan het kabinet voor 1 oktober is klein. Maar de noodzaak om de financiële basis onder de collectieve pensioen- en zorgvoorzieningen te verbreden is groot. De groei van het aantal 65-plussers levert een snelle stijging op van de AOW- en zorgkosten. Tegelijkertijd daalt de beroepsbevolking de komende 30 jaar met een miljoen mensen. De kredietcrisis, die een gat heeft geslagen in de overheidsfinanciën, maakt aanpak van dit probleem urgenter.

Het kabinet beoogde met zijn besluit in maart om de AOW-leeftijd op te trekken twee vliegen in één klap te slaan: verhoging van de AOW-leeftijd was gezien de demografische ontwikkeling toch al nodig en de 4 miljard euro die de maatregel oplevert, moet de financiële situatie van de overheid verbeteren.

'Ultieme voorstellen'

Omdat de vakbeweging niets ziet in verplicht langer doorwerken en omdat hierdoor in het voorjaar een sociaal akkoord dreigde te mislukken, kreeg de SER de kans een alternatief te zoeken. Maar luttele uren voor het verstrijken van de door het kabinet opgelegde deadline lijken de sociale partners nauwelijks tot elkaar gekomen.

Dat blijkt opnieuw uit de ‘ultieme’ voorstellen die beide partijen deze week op tafel legden. Het alternatief dat de drie vakcentrales FNV, CNV en MHP gisteren presenteerden – vrijwillig doorwerken na 65 – valt slecht bij de werkgevers. Omgekeerd leidde het finale voorstel van de werkgevers – pensioenleeftijd in 2025 in één keer naar 67 jaar – tot scherpe kritiek vanuit de vakbeweging.

Ontsnappingsroute

„Ouderwets”, reageerde FNV-voorzitter Agnes Jongerius op het werkgeversplan om de AOW-leeftijd over 15 jaar in één keer te verhogen, zodat iedereen van 50 jaar en ouder de dans ontspringt. „Het FNV-plan is één grote ontsnappingsroute”, was de reactie van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Vrijwilligheid levert te weinig op. Lees in NRC Handelsblad een profiel van FNV-voorzitter Agnes Jongerius: Strateeg met de blik van een lynx (30 september, pagina 14). Of krijg toegang via een webabonnement of tijdelijke toegangspas.

De vakcentrales wijzen erop dat hun variant door het Centraal Planbureau (CPB) is doorgerekend. Maar bij het CPB wordt verbaasd gereageerd. „We hebben het pas gisteren gekregen”, zegt econoom Ed Westerhout. Beide plannen halen het waarschijnlijk niet. De Kroonleden hebben afgelopen nacht een finaal voorstel in de race gebracht: vanaf 2015 wordt de AOW gekoppeld aan de hogere levensverwachting waardoor de leeftijd uiteindelijk wordt opgetrokken naar 67.

Het SER-gebouw was aan het begin van de middag hermetisch afgesloten voor buitenstaanders. Er wordt in ieder geval nog gepraat, meldde een voorlichter. „Dat is een goed teken.”

De AOW gaat veranderen, zoveel is zeker. Of het lukt vandaag in de SER, of de regeringscoalitie trekt haar eigen plan. Dan kan het Malieveld geboekt worden.

Overzicht van het AOW-debat

Het kabinet heeft in maart besloten de AOW-leeftijd te verhogen van 65 naar 67 jaar. Met name de FNV verzet zich hier heftig tegen. Om de sociale partners tegemoet te komen gaf het kabinet de Sociaal-Economische Raad (SER) de gelegenheid om voor 1 oktober met een alternatief te komen dat voor de overheidsfinanciën net zoveel geld oplevert als verhoging van de AOW-leeftijd: op den duur 4 miljard euro per jaar. In de SER zitten vertegenwoordigers van vakbonden en werkgeversorganisaties, en onafhankelijke Kroonleden.

De AOW is een volksverzekering: wie van zijn 15de tot 65ste in Nederland heeft gewoond, heeft een volledig AOW-recht opgebouwd. Of iemand heeft gewerkt, doet er niet toe. De AOW wordt opgebracht door degenen die nu werken.

Naast een AOW-uitkering ontvangen de meeste ouderen ook een pensioen. Daarvoor hebben ze zelf gespaard, meestal verplicht, via een pensioenfonds waarbij hun werkgever is aangesloten.

De meeste mensen stoppen met werken voor hun 65ste en krijgen dan vut of prepensioen.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Economie
Binnenland
Nieuwsbrief