Waarom heeft ABN wéér extra zakgeld nodig?

Den Haag, 20 nov. Gisteren schoot Bos de genationaliseerde banken ABN Amro en Fortis Bank Nederland voor de derde keer op rij te hulp. Dit maal wordt 4,4 miljard in de banken gestoken.

Waarom zit ABN Amro, de handelsnaam voor beide bankdochters, eigenlijk opnieuw in financiële problemen?

1. Knippen en plakken

Met de ontvlechting en samenvoeging van bedrijfsonderdelen blijkt veel geld gemoeid. Het knippen en plakken van een bank is uitermate kostbaar, iets waar president Wellink eerder voor waarschuwde. Er zijn „separatiekosten” van 1,9 miljard euro en „integratiekosten” van 1,2 miljard euro.

De teller van aanvullende hulp staat op 13,4 miljard. Het begon in december vorig jaar met een kapitaalversterking van 6,5 miljard euro, in juni was er een injectie van 2,5 miljard en nu volgt 4,4 miljard euro nieuwe steun.

Maar ditmaal, zo bezwoer Bos gistermiddag, is het echt de laatste keer dat ABN en Fortis geld krijgen – „onvoorziene omstandigheden daargelaten van ernstige aard”. De laatste hulp moet de bank genoeg incasseringsvermogen geven. Bos sprak van ‘nuttig en nodig’. „De steun is nodig om de bank zelfstandig te laten zijn en nuttig omdat het de bank in staat stelt zelf haar geld te verdienen.”



2. Restbank

Er bestaat nog een soort onverdeelde boedel van het oorspronkelijke Fortis, Royal Bank of Scotland en Santander, de aanvankelijke kopers van ABN Amro in 2007. Die wilden de bank in drieën delen, waarbij nog een gezamenlijk deel overbleef dat van de toezichthouder voldoende kapitaal moet hebben. Deze ‘ restbank’ levert nu een naheffing op van 2,2 miljard euro.

De tragiek wil dat het grootste deel van dit gat veroorzaakt wordt door de inmiddels verkochte Italiaanse bank Antonveneta, de bank die ABN Amro na een verbeten strijd inlijfde. De ‘geslaagde’ overname, waar president Wellink van De Nederlandsche Bank zich destijds zo sterk voor maakte, resulteert nu in een naheffing voor de Nederlandse schatkist.

3. HBU

Het kostbare afscheid van probleemdochter HBU. Daarop lijdt ABN Amro een verlies van 800 tot 900 miljoen. De verkoop was nodig omdat de combinatie van Fortis en ABN volgens de Europese Commissie te dominant zou worden als bankier voor het midden- en kleinbedrijf.

Maar na het uitbreken van de kredietcrisis verliep de verkoop van dit bedrijfsonderdeel moeizaam. Keer op keer moest minister Bos aan Brussel uitstel vragen van een deadline, die steeds niet gehaald werd. ABN Amro heeft zich uiteindelijk garant moeten stellen voor een partij hypotheken tot een maximum van 1,6 miljard euro.

13,4 miljard hulp

De teller van aanvullende hulp staat op 13,4 miljard. Het begon in december vorig jaar met een kapitaalversterking van 6,5 miljard euro, in juni was er een injectie van 2,5 miljard en nu volgt 4,4 miljard euro nieuwe steun.

Maar ditmaal, zo bezwoer Bos gistermiddag, is het echt de laatste keer dat ABN en Fortis geld krijgen – „onvoorziene omstandigheden daargelaten van ernstige aard”.

De laatste hulp moet de bank genoeg incasseringsvermogen geven. Bos sprak van ‘nuttig en nodig’. „De steun is nodig om de bank zelfstandig te laten zijn en nuttig omdat het de bank in staat stelt zelf haar geld te verdienen.”

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Economie
Nieuwsbrief