Heemskerk onderzoekt ingreep bij Wärtsilä
Den Haag, 21 jan. Staatssecretaris Frank Heemskerk (Economische Zaken, PvdA) gaat onderzoeken of de Finse multinational Wärtsilä onder druk is gezet om de productie van scheepsmotoren en scheepsschroeven van Nederland naar China te verplaatsen.
Wärtsilä is natuurlijk vrij om de productie over te brengen naar China, zei Heemskerk gisteren voor de NOS-radio. „Maar het mag niet zo zijn dat de Chinese overheid eist dat spullen per se in China gemaakt moeten worden omdat ze anders niet gekocht worden. Dat is protectionisme.”
Heemskerk gaat de kwestie aankaarten bij de Europese Commissie en de WTO – de Wereldhandelsorganisatie is een intergouvernementele organisatie die toeziet op de naleving van afspraken over de handel tussen landen. Wanneer blijkt dat China zich niet aan de internationale spelregels van de handel heeft gehouden, kunnen ze worden beboet door de WTO.
Made in China
Deze week werd bekend dat Wärtsilä 570 banen gaat schrappen in Nederland. Bij Wärtsilä Nederland werken 1500 mensen verdeeld over vestigingen in Drunen, Zwolle en Schiedam. Vooral de vestiging in Drunen wordt zwaar getroffen door de reorganisatie: in het Noord-Brabantse dorp zullen 400 mensen hun baan verliezen.
„De Chinezen hebben ons duidelijk gemaakt dat ze met lokale producenten willen werken”, zei Wärtsilä-directeur Fred van Beers in een toelichting. „Als wij onze productie niet naar China verplaatsen, stappen ze naar andere toeleveranciers.” Volgens Van Beers zet China bedrijven onder druk om zich in China te vestigen. „Ze streven een beleid na van honderd procent ‘made in China’.”
Deze opmerkingen zijn voor staatssecretaris Heemskerk aanleiding om een onderzoek te starten. Hij wil weten in welke mate Wärtsilä onder druk is gezet. China kan niet eisen dat alle produkten lokaal worden gemaakt, zegt een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken. „Een beleid van honderd procent ‘made in China’ is in strijd met de WTO-regels en belemmert de internationale handel.”
'Niet gedwongen'
Saillant is dat Wärtsilä ontkent dat ze door de Chinese autoriteiten onder druk zijn gezet om de productie te verplaatsen. „Je moet daar zijn waar de markt is”, zegt woordvoerder Gert van Doorn.
Tachtig procent van de productie van de Finse multinational vindt plaats in Europa, terwijl tachtig procent van de grote schepen in Azië wordt gebouwd. „Daar liggen onze kansen, dus daarom willen we onze vestigingen daar ook uitbreiden”, zegt Van Doorn. „Wij zijn niet gedwongen.”
