Nieuwe baan voor Wouter Bos bij KPMG

Wouter Bos in maart 2010.

Door een onzer redacteuren

Den Haag, 27 sept. Afkomstig uit het bedrijfsleven, een tijdje in de politiek, en dan weer terug het bedrijfsleven in. De overstap van oud-minister van Financiën Wouter Bos (PvdA) naar KPMG is niet uniek. „Mensen die vanuit het bedrijfsleven naar Den Haag komen, blijven daar haast nooit hangen”, zegt parlementair historicus Bert van den Braak.

Bos (47) werkte na zijn afstuderen negen jaar voor Shell voordat hij in 1998 de overstap maakte naar de politiek. Op 12 maart maakte Bos bekend zich terug te trekken, om meer tijd te kunnen besteden aan zijn gezin. Gisteren werd hij als partner bij KPMG gepresenteerd, per 1 oktober. Hij wordt verantwoordelijk voor de adviespraktijk voor de Publieke Sector en Gezondheidszorg. Bos krijgt een vierdaagse werkweek.

Oud-bewindslieden hebben status en het voordeel van een groot netwerk, zegt Van den Braak. Een voorganger van Bos is oud-minister van Financiën Onno Ruding (CDA). Die werkte voor ABN Amro, was daarna minister, en ging later aan de slag bij de Citicorp Bank in New York. Hans Wijers (D66) verwisselde een organisatie-adviesbureau voor het ministerschap, en ging daarna aan de slag bij The Boston Consulting Group en Akzo Nobel. CDA’er Joop Wijn begon bij ABN Amro, werd staatssecretaris en minister, en vervolgde zijn loopbaan bij de Rabobank.

Boegbeeld

Het gaat om mensen die als boegbeeld kunnen dienen, zegt Van den Braak. Dus geen ‘gewone’ Kamerleden: „Dat is vaak ook de klacht uit het bedrijfsleven. Een woordvoerder zorg of onderwijs, daar heb je niks aan.”

Andere oud-bewindslieden kiezen voor een een internationale functie (CDA’ ers Aart Jan de Geus en Agnes van Ardenne, PvdA’er Ad Melkert) of een baan in het openbaar bestuur (CDA’er Karla Peijs en PvdA’er Eberhard van der Laan). Oud-bewindslieden op leeftijd (CDA’er Ben Bot en PvdA’er Wim Kok) beperken zich vaak tot commissariaten.

Gepubliceerd in:
Economie