'Bankiers ABN verdienen nog steeds te veel'
Den Haag, 26 jan. Ook onder minister Bos zouden bankiers te veel verdienen bij ABN Amro. Zij worden „overbetaald”, zeiden experts uit de financiële wereld gisteren tegen de commissie-De Wit, de parlementaire commissie die onderzoek doet naar de kredietcrisis.
Voormalig hoofd personeelszaken van ABN Amro Pauline van der Meer Mohr was zeer kritisch over het nieuwe beloningsbeleid van minister Bos (Financiën, PvdA) bij haar voormalige, inmiddels genationaliseerde, werkgever. Bos zou zich „geen scherp onderhandelaar” hebben getoond.
Bos maakte vorige week bekend dat bestuurders bij ABN nooit meer dan 1 miljoen euro kunnen verdienen (zes ton vast en maximaal 60 procent bonus). De bonus is voortaan niet alleen meer gekoppeld aan financiële doelstellingen, maar ook aan klanttevredenheid en duurzaamheid. De beperking geldt niet voor handelaren.
Volgens Van der Meer Mohr zullen de hogere basissalarissen bij ABN Amro een „enorme opdrijvende werking hebben” op de totale kosten van de bank, omdat hierin ook pensioenregelingen betrokken zijn. Woensdag hoort de commissie onder andere oud-Rabobank-baas Bert Heemskerk.
Financiële gedrevenheid
Van der Meer Mohr gistermiddag voor de commissie-De Wit over haar ervaringen met de bonuscultuur in het bankwezen spreken. Zij werkte vijftien jaar bij Shell en een kleine twee jaar (van 2006 tot 2008) als hoofd personeelszaken bij ABN Amro.
De overstap van Shell naar de bancaire wereld was voor haar een cultuurshock. „Beloning is een soort hygiënefactor, daar praatte je niet over bij Shell. Als je daar klaagde over je beloning, kon je wel inpakken”, zei ze. Maar bij de bank werd ze verrast door de manier waarop het grote en snelle geld verdienen dominant was. Vooral bij de zakenbankiers stond alles in het teken van de transacties en de winst daarop. „De financiële gedrevenheid ligt er heel dik bovenop en daarna komt er een hele tijd niets.”
In Londen merkte ze dat jonge zakenbankiers een bonus van 1 miljoen pond nog te laag vonden. De jonge bankiers hadden – soms terecht, aldus Van der Meer Mohr – de verwachting om ook al op jonge leeftijd financieel onafhankelijk te worden. „Als zij dan 100 miljoen verdienen voor de bank, willen ze daar direct iets van terugzien. Het is een cultuur die gericht is op instant bevrediging.”
Van der Meer Mohr maakte de vergelijking met tennis (ABN Amro) en tafeltennis (Shell). „Bij tennis wordt gespeeld op het Centre Court van Wimbledon. Tafeltennis krijgt minder aandacht, maar is ook een Olympische sport. De beoefenaars doen het voor de sport. Bij de bankiers gaat het om het prijzengeld.”
