Aandeelhouder blijkt toch geen macht te hebben

Peter Paul de Vries in zijn tijd als voorzitter van de VEB.

Door onze redacteuren Egbert Kalse en Jeroen Wester

Den Haag, 27 jan. Veel is gezegd over de macht van aandeelhouders, die bestuurders van beursgenoteerde bedrijven zouden drijven tot het nemen van grote risico's. Niet van waar, zei voormalig VEB-directeur Peter Paul de Vries vandaag tegen de commissie-De Wit, de wens van beleggers wordt doorgaans genegeerd.

Waarom bent u zo kritisch op beleggers die toch niets te vertellen hebben, was de boodschap De Vries aan de commissie-De Wit. De Vries, sprekend als voormalig voorman van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB), vroeg de commissie hoe beleggers bepaald gedrag zouden hebben kunnen veroorzaken bij banken. Aandeelhouders bij ING hebben al decennialang niets te vertellen, zei De Vries, want doordat het stemrecht op de aandelen wordt uitgeoefend door administratiekantoren met „vriendjes van het bestuur” is de zeggenschap vrijwel nul.

„Je gaat in Nederland altijd naar aandeelhoudersvergaderingen toe waarbij de uitslag al van tevoren bekend is”, zei De Vries, nu directeur van een beursfonds. „U schets wel een heel somber beeld”, zei de Wit. „Omdat dit gewoon de feitelijke situatie is”, antwoordde De Vries. „Onze financiële instellingen zijn in dat opzicht optimaal beschermd tegen beleggers die alleen maar op het kortetermijngewin uit zijn.”

Kritiek op Den Haag

De Vries vindt dat juist de bestuurders van ondernemingen dollartekens in hun ogen hadden. Hij overhandigde een ordner aan de commissie „met de kennis van toen” om aan te tonen hoe lang de VEB tegen te hoge beloningen ageert, nog voordat toenmalig premier Wim Kok in 1997 zijn zorgen uitsprak over „exhibitionistische zelfverrijking”. De topmannen van beursgenoteerde bedrijven „wilden beloond worden als ondernemers, terwijl ze bestuurders waren”.

En wat deed de Haagse politiek, vroeg De Vries retorisch. „Het enige wat Den Haag deed was een fiscale maatregel tegen aandelenopties. Daarna is het boek gesloten.”

De Vries kon het evenmin laten vraagtekens te plaatsen bij de autoriteiten die de commissie uitnodigt. „Oud-Aegon-bestuurder en voorzitter van de commissie corporate governance Jos Streppel? „Is dat niet een autoriteit in het creëren en op de markt brengen van slechte producten. Legiolease is pas echt tot wasdom gekomen onder Streppel.”

Roderick Munsters

De Vries gaf Roderick Munsters, voormalig directeur beleggingen bij pensioenbeheerder APG en nu baas bij vermogensbeheerder Robeco, een hand bij het binnengaan van de zaal. „Mijn laatste bondgenoot”, grapte De Vries.

Ook Munsters relativeerde als tweede spreker vanochtend de rol van de aandeelhouders. „Aandeelhouders stellen geen rendementseisen”, zei hij. Daarbij heeft APG zich meerdere malen kritisch opgesteld als aandeelhouder, zei Munsters. Zo stemde APG tegen de splitsing van ABN Amro en had het kritiek op het beloningsbeleid van Shell.

Commissielid Schinkelshoek wilde weten hoe die tegenstem bij ABN Amro te rijmen viel met het wél meedoen met de emissie die Fortis vervolgens deed om de overname van ABN Amro te financieren. Munsters verdedigde die stap door te wijzen op de aantrekkelijke waardering van de aandelen Fortis op dat moment, gecombineerd met de hoge ambities van de bank. Het beeld van een opportunistische op winst gerichte aandeelhouder kon hij daarmee niet wegnemen.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Crisiscommissie
Economie